Het college vermeldt in een voorrangsverklaring de volgende zaken:
- - de naam en de contactgegevens van de woningzoekende,
- - de datum van de aanvraag zoals bedoeld in artikel 2.2,
- - de erkenning dat de woningzoekende aan wie de voorrangsverklaring is verleend dringend behoefte heeft aan woonruimte binnen de door het college aangegeven termijn,
- - het huisvestingsprofiel dat voor de desbetreffende woningzoekende van toepassing is, onder de mededeling dat de voorrang beperkt is tot woonruimte die past binnen het huisvestingsprofiel,
- - de termijn waarbinnen van de voorrangsverklaring gebruik kan worden gemaakt,
- - of de voorrangsverklaring lokaal of regionaal geldt, dan wel of de huisvestende corporatie een woning zal aanbieden.