Per 1 juli 2017 is de Wet Aanpak Woonoverlast in werking getreden door toevoeging van art 151d aan de Gemeentewet (zie bijlage 1).
De Wet biedt de lokale overheid een aanvullend instrument in de aanpak van woonoverlast. Het nieuwe wetsartikel bepaalt dat de Gemeenteraad in een verordening aan de burgemeester de bevoegdheid kan geven om aan veroorzakers van woonoverlast een gedragsaanwijzing te geven.
Met die bevoegdheid kan door de burgemeester bestuursrechtelijk worden opgetreden als er ernstige en herhaaldelijke hinder wordt veroorzaakt voor omwonenden in of vanuit een woning of onmiddellijke nabijheid van de woning. Het optreden is in de vorm van een last onder bestuursdwang met de mogelijkheid van het opleggen van een last onder dwangsom. Indien nodig kan er een, in de tijd begrenst, 'verbod om aanwezig te zijn in de woning c.q. op het erf van de woning' worden opgelegd.
Deze nota bestaat uit onderdeel A en B.
Onder A wordt de algemene lokale aanpak beschreven en aangegeven wat de gedragsaanwijzing aanvult op het huidige instrumentarium.
Onder B worden de beleidsegels geformuleerd die de burgemeester hanteert bij het gebruik maken van de bevoegdheid om een gedragsaanwijzing op te leggen.