Jeugdigen of ouders kunnen slechts in aanmerking komen voor een individuele voorziening voor zover:
Zij op eigenkracht, met gebruikelijke zorg, of met hulp van andere personen uit het sociaal netwerk geen oplossing kunnen vinden voor de hulpvraag;
Zij geen oplossing kunnen vinden voor de hulpvraag door gebruik te maken van een overige voorziening, of;
Zij geen oplossing kunnen vinden voor de hulpvraag door gebruik te maken van een andere voorziening.
Het college kan nadere regels stellen ter verdere uitwerking van de algemene criteria, zoals genoemd in het eerste lid, of ter bepaling van specifieke criteria voor bepaalde individuele voorzieningen.
Hoofdstuk 4
Artikel 10
Afweging aanvraag individuele voorzieningen
Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Rijswijk 2018