Naar hoofdinhoud

Artikel 1.11.12

Persoonlijke voorzieningen bij werk of scholing

Onderdeel van Beleidsregels re-integratie gemeente Kampen 2018

Wat houdt het in? De gemeente is ook verantwoordelijk voor het inzetten van zogenoemde ‘persoonlijke voorzieningen’ voor inwoners met een arbeidsbeperking die onder de doelgroep van de gemeente vallen. Het gaat om de volgende soorten voorzieningen: Vervoersvoorzieningen: om naar het werk te reizen, in de vorm van aanpassing van eigen vervoermiddel of van een vergoeding voor speciaal vervoer. De gemeente kijkt of er gebruik gemaakt kan worden van vervoer in het kader van de Wmo en andere regelingen. Intermediaire voorzieningen: voor inwoners met arbeidsvermogen die moeite hebben met zien, horen of bewegen, bijv. doventolk of voorleeshulp. Meeneembare voorzieningen: aanpassingen of hulpmiddelen die ook op een andere werkplek gebruikt kunnen worden (en niet standaard beschikbaar zijn binnen een bedrijf), bijvoorbeeld orthopedische schoenen en brailleleesregels. Werkplekaanpassingen: aanpassingen van de werkplek die aan de betreffende werkplek zijn gebonden. Het gaat om op de persoon en de op de specifieke werkplek afgestemde aanpassingen. Een voorziening kan ‘in natura’ beschikbaar worden gesteld (als product of dienst) of in de vorm van een geldbedrag. Gaat het om een product, dan wordt per geval beoordeeld of het in bruikleen of in eigendom aan de inwoner wordt gegeven. Uitgangspunt is in bruikleen, mits dit zinvol is. Voor wie is het? Persoonlijke voorzieningen zijn bedoeld voor inwoners uit de doelgroep van de gemeente die deze voorzieningen nodig hebben om te kunnen werken, of te kunnen deelnemen aan een traject richting werk. Het moet gaan om inwoners die een arbeidsbeperking hebben. Waar moet je aan denken? Voor persoonlijke voorzieningen zijn enkele spelregels vastgesteld: De voorziening is noodzakelijk Er is geen andere mogelijkheid beschikbaar Er is een arbeidscontract van minimaal 6 maanden, of er is zicht op een dergelijk arbeidscontract (bijv. tijdens de proefplaatsing) De kosten moeten in verhouding staan tot de opbrengsten (uitstroom) Wat algemeen gebruikelijk is voor een werkgever komt voor rekening van de werkgever. Met waardevermeerdering van de werkplek/gebouw wordt ook rekening gehouden De voorziening wordt toegekend volgens het principe: niet meer, niet duurder en niet langer dan noodzakelijk De gemeente kan op verzoek van de werknemer of de werkgever nagaan of de inwoner in aanmerking komt voor een persoonlijke voorziening. De gemeente kan dit ook op eigen initiatief beoordelen. Werkproces Het volgende werkproces wordt gevolgd: Stap 1: Welke aanpassing wordt er gevraagd? Stap 2: Gaat het om een inwoner uit de doelgroep met een (beoogd) arbeidscontract van 6 maanden of langer? Zo ja, Stap 3: Komt de aanpassing voor rekening van de werkgever of een andere instantie (algemeen gebruikelijk of andere voorziening, bijv. UWV)? Zo nee, Stap 4: Advies vragen aan ‘Aussems en Kerkvliet’: welke werkplekaanpassing is noodzakelijk gelet op de beperkingen van de inwoner en de werkplek, en welke kosten brengt dat met zich mee (meest eenvoudige versie)? Stap 5: Wat is het advies? Afweging van alle factoren nodig. Stap 6. Besluit nemen, inwoner informeren (beschikking) en evt. betaling (bij toekenning). Als voorziening in bruikleen wordt gegeven: bruikleenovereenkomst opstellen en laten ondertekenen.

Rechtspraak bij dit artikel