Naar hoofdinhoud

DEEL 2

Artikel 1.4.1

TOE TE PASSEN INSTRUMENTEN

Onderdeel van Plezierig en veilig uitgaan in Zandvoort Dat doen we samen!

Er zijn verschillende redenen waarom een ondernemer regels niet naleeft. Dit zijn o.a. geen kennis van de regels, kans om gesnapt te worden en de hoogte van de maatregel (hoogte en soort maatregel die aan de overtreding is gekoppeld). De keuze voor de in te zetten maatregel is o.a. afhankelijk van het naleefgedrag van de ondernemer, de kans op herhaling begaan overtreding en gevolgen/effect van de overtreding. Maar ook bijzondere omstandigheden (b.v. goed ondernemerschap of overmacht). Daarnaast maakt de burgemeester gebruik van het stappenplan (zie bijlage 1). Overtredingen worden van geval tot geval beoordeeld door de burgemeester. Daarom kan aan twee ondernemers die dezelfde overtreding begaan elk een andere maatregel worden opgelegd. Dit betekent ook dat de burgemeester soms van het stappenplan moet afwijken om te bereiken dat de overtreding wordt beëindigd en/of toekomstige overtredingen niet worden begaan. De burgemeester kan op de volgende manieren naleefgedrag bevorderen: Informeren Verleiden/stimuleren Afspraken maken Bestuurlijk waarschuwen (schriftelijk) Bestuursrechtelijke maatregel Bij constatering van een overtreding kan de burgemeester kiezen voor maatregelen zoals informeren, verleiden/stimuleren en afspraken maken. Hij kan echter ook overgegaan tot het opleggen van een bestuursrechtelijke maatregel. De burgemeester gebruikt in de gemeente Zandvoort de volgende bestuursrechtelijke maatregelen: het opleggen van een last onder bestuursdwang of dwangsom en het verbod schenken zwak-alcoholische dranken. In het stappenplan bijlage 1 is voor een aantal overtredingen een richtlijn gegeven voor het soort maatregel. Het bestuursrechtelijk traject begint in beginsel met een bestuursrechtelijke schriftelijke waarschuwing. De bestuursrechtelijke waarschuwing is geen besluit. Er is daarom geen bezwaar en/of beroep mogelijk. Deze stap is echter niet vrijblijvend. De volgende stap is namelijk een bestuursrechtelijke maatregel. Na constatering van een eerste overtreding wordt binnen 5 werkdagen een schriftelijke waarschuwing aan de (horeca)ondernemer gestuurd. Dit als informeren, verleiden/stimuleren en afspraken maken naar het oordeel van de burgemeester niet aan de orde is. Afhankelijk van de aard van de overtreding kan de (horeca)ondernemer eerst worden uitgenodigd voor een gesprek. De schriftelijke waarschuwing wordt in dat geval binnen 5 werkdagen na dit gesprek verstuurd. De burgemeester kan gemotiveerd de waarschuwingsstap overslaan en meteen overgaan tot het opleggen van een bestuursrechtelijke maatregel. Met een bestuursrechtelijke maatregel worden onderstaande maatregelen zoals bestuursdwang en dwangsom enz. bedoeld. Ze zijn gericht op herstel in rechtmatige toestand (voor zover mogelijk), het beëindigen van een overtreding en/of het voorkomen van herhaling daarvan. Bij herhaling binnen een jaar (na de laatste geconstateerde overtreding), krijgt de ondernemer in principe een brief. Hierin staat het voornemen van het opleggen van de bestuursrechtelijke maatregel en de geconstateerde overtreding. De ondernemer kan binnen 10 werkdagen na verzending van het voornemen zijn mening (zienswijze) kenbaar maken op grond van de Algemene wet bestuursrecht. Dit kan zowel schriftelijk als mondeling gebeuren. Na het verstrijken van de zienswijzetermijn wordt de bestuursrechtelijke maatregel opgelegd. Deze maatregel wordt in principe binnen 10 werkdagen gestuurd aan de ondernemer. De burgemeester kan gemotiveerd van deze termijn afwijken. Dit doet hij bijvoorbeeld indien sprake is van spoed. De politie en de aangewezen toezichthouder houden toezicht op het naleven van het maatregelbesluit. Ze rapporteren bij het niet voldoen aan de maatregel. De hieronder a, b en c vermelde maatregelen vallen onder de term bestuursdwang in de Awb. In beginsel gaat een schriftelijke waarschuwing vooraf aan het opleggen van een bestuursdwangmaatregel. Deze waarschuwing wordt meegenomen bij de stapeling van overtredingen c.q. incidenten. Alle feiten en omstandigheden die hebben geleid tot de waarschuwing komen in het voornemen om bestuursdwang toe te passen dan wel een dwangsom op te leggen en het zienswijze gesprek voorafgaand aan de te treffen bestuursrechtelijke maatregel aan de orde. Bij de toepassing van bestuursdwang worden de kosten van de toepassing verhaald op de overtreder. Vervroegde sluiting De burgemeester kan besluiten dat een openbare inrichting gedurende een bepaalde periode een paar uur eerder dicht moet. Zie bijlage 1 stappenplan. (Tijdelijke) sluiting van een inrichting In bepaalde omstandigheden kunnen openbare inrichtingen worden gesloten. Bijvoorbeeld als een inrichting niet beschikt over de benodigde vergunning(en) of indien door de aard van de incidenten de openbare orde wordt verstoord en het woon- en leefklimaat wordt aangetast. De sluiting kan plaatsvinden voor bepaalde of onbepaalde tijd. Sluiting van een openbare inrichting kan bijvoorbeeld zijn gebaseerd op: artikel 174, lid 2 Gemeentewet (ordemaatregel in het kader van veiligheid en gezondheid) artikel 125 Gemeentewet Sluiting van een inrichting kan tevens leiden tot intrekking van de vergunning. Intrekken van de vergunning en / of ontheffingen Bij overtreding van vergunning/ontheffingsvoorschriften, kan de vergunning/ontheffing worden ingetrokken. In het stappenplan wordt aangegeven wanneer dit het uitgangspunt is. De nota Uitvoeringsregels exploitatie Horecabedrijf van 2013, bevat onder andere de regels voor bedrijven die vrijgesteld zijn van de exploitatievergunningsplicht. Dit geldt echter alleen voor de soort bedrijven die daarvoor zijn aangewezen (bijlage 1 en 2 van genoemde nota). Omdat er geen vergunning is kan deze niet worden ingetrokken. De burgemeester kan wel besluiten dat het bedrijf niet meer valt onder de vrijstelling en alsnog over een exploitatievergunning dient te beschikken. Naast de in paragraaf 7.8 van vermelde nota genoemde gevallen, kan dit ook het geval zijn indien de ondernemer de richtlijnen van paragraaf 8.1 van de Uitvoeringsregels exploitatie Horecabedrijf niet volgt. De burgemeester kan op grond van de DHW tijdelijk de verkoop van zwak-alcoholhoudende drank in bijvoorbeeld supermarkten verbieden. Dit kan als voor een derde keer in een periode van 12 maanden alcohol aan jongeren onder de 18 jaar is verkocht. De burgemeester kan er voor kiezen een last onder dwangsom op te leggen. De overtreder wordt aangeschreven de overtreding te beëindigen of herhaling te voorkomen op straffe van het verbeuren van één of meer bedragen. De dwangsombevoegdheid en de bestuursdwangbevoegdheid kunnen niet tegelijk, maar wel na elkaar worden toegepast. Verbeurde dwangsommen worden, zo nodig bij dwangbevel, ingevorderd. Alle bestuursrechtelijke maatregelen worden via een aankondiging op de website van de gemeente Zandvoort bekend gemaakt. Indien bij een maatregel een openbare inrichting fysiek wordt gesloten, wordt dit ook in het kader van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken (WKPB) in een register opgenomen. De gemeente informeert een verzoeker om handhaving schriftelijk over de genomen maatregel. De waarschuwingen en opgestelde bestuurlijke maatregelen voorkomend uit de nota Plezierig en veilig uitgaan en/of Sanctiebeleid Drank en Horeca 2013, worden in een apart bestand geregistreerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel