Lid 1
Wanneer de feitelijke arbeidsduur afwijkt van de formele arbeidsduur wordt een negatief of positief urensaldo opgebouwd.
Lid 2
Bij een structureel groeiend urensaldo maken de medewerker en de leidinggevende afspraken over compensatie.
Lid 3
De medewerker die niet volgens een werkrooster werkt kan tot maximaal 4 plusuren zonder instemming van de leidinggevende aaneengesloten compenseren.
Lid 4
De medewerker die niet volgens een werkrooster werkt en 4 of meer plusuren aaneengesloten wil compenseren, moet instemming vragen zoals een verlofaanvraag.
Lid 5
De medewerker die volgens een werkrooster werkt en plusuren wil compenseren, moet altijd instemming vragen als ware het een verlofaanvraag.
Lid 6
Een negatief urensaldo kan, indien nodig, worden gecompenseerd door inleveren van verlof. Een negatief urensaldo bij uitdiensttreding wordt verrekend.