Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.1

Artikel 12.

Vaststelling van de hoogte van de maandelijkse aflossingscapaciteit bij belanghebbenden met een uitkering

Onderdeel van Beleidsregels herziening, intrekking, terugvordering en invordering gemeente Asten 2018

Indien belanghebbende een uitkering ontvangt op grond van de Participatiewet, de IOAW of de IOAZ, hanteert het college 5% van de uitkeringsnorm inclusief vakantietoeslag als maandelijkse aflossingscapaciteit. In afwijking van het eerste lid geldt voor de belanghebbende die in een inrichting ter verpleging of verzorging verblijft een afwijkende beslagvrije voet, als bedoeld in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. In afwijking van het eerste en tweede lid zal op verzoek van de belanghebbende het college overeenkomstig het bepaalde in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering een berekening uitvoeren om de juiste beslagvrije voet en daarmee de juiste hoogte van verrekening te bepalen en past het college de hoogte van het verrekende bedrag aan vanaf de datum waarop het college de gegevens die nodig zijn voor de berekening heeft ontvangen tenzij het college al eerder van die gegevens op de hoogte was indien blijkt dat hantering van het eerste lid niet correct was.

Rechtspraak bij dit artikel