Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 10

Terugmeldplicht en correctieverzoek

Onderdeel van Reglement basisinformatie 2018

Een afnemer van gegevens uit een of meer registraties die gerede twijfel heeft over de juistheid of het ontbreken van een authentiek gegeven in deze registraties, meldt dit aan de stelselbeheerder onder opgaaf van redenen volgens de voorziening door de stelselregisseur bepaald. Als de terugmelding voldoende is onderbouwd, beoordeelt de stelselbeheerder de terugmelding en, als de terugmelding de keten na verstrekking door de bronhouder betreft, beslist hij over de terugmelding binnen redelijke termijn na ontvangst van de terugmelding. Als de terugmelding een registratie betreft, zendt de stelselbeheerder de terugmelding onverwijld door naar de bronhouder. De stelselbeheerder meldt aan de terugmelder uiterlijk binnen vijf werkdagen na ontvangst van de terugmelding dat hij de terugmelding in behandeling heeft genomen. De bronhouder beslist over het wijzigen of opnemen van het gegeven in de registratie. Indien de bronhouder niet binnen redelijke termijn na ontvangst van de terugmelding heeft beslist over het wijzigen of opnemen van het gegeven, plaatst hij bij dat gegeven de aantekening ‘in onderzoek’. Indien de bronleverancier een beslissing moet nemen, zendt de bronhouder de terugmelding onmiddellijk na het in onderzoek plaatsen door naar de bronleverancier. De bronleverancier onderzoekt het betreffende gegeven en verstrekt de bronhouder een document over het besluit over de terugmelding binnen redelijke termijn na ontvangst van de terugmelding. Zodra de bronhouder of de bronleverancier heeft besloten over de terugmelding, wijzigt de bronhouder indien nodig het gegeven respectievelijk neemt hij dat gegeven op en verwijdert hij de aantekening ‘in onderzoek’ bij dat gegeven. De bronhouder informeert onverwijld de terugmelder en de stelselbeheerder over een handeling of beslissing als bedoeld in het vierde of zevende lid, of de stelselbeheerder informeert onverwijld de terugmelder over de beslissing als bedoeld in het tweede lid. Voor het beslissen over een terugmelding over een niet-authentiek gegeven geldt dezelfde termijn als voor het beslissen over een terugmelding over een authentiek gegeven. Het tweede tot en met negende lid zijn van overeenkomstige toepassing op een correctieverzoek van een belanghebbende tot wijziging of aanvulling.

Rechtspraak bij dit artikel