In dit artikel worden de rechten en de plichten van de rechthebbende ten aanzien van de grafbedekking omschreven.
De eigendom en daarmee ook de risicoaansprakelijkheid van hetgeen op het graf is geplaatst ligt op grond van artikel 32a van de Wet op de lijkbezorging, bij de eigenaar van de grafsteen. Dat is niet per definitie de rechthebbende. De persoon die een grafmonument heeft gekocht en laten plaatsen, blijft eigenaar van het monument gedurende de looptijd van het graf. Van natrekking van een op de ondergrond geplaatst object is geen sprake zolang het graf niet geruimd mag worden.
Indien er sprake is van verwaarlozing van de grafbedekking kan de beheerder van de begraafplaats de rechthebbende aanspreken en sommeren tot het verrichten van herstelwerkzaamheden aan de grafbedekking. De Wet op de lijkbezorging bepaalt in artikel 28, het vierde tot en met het zevende lid, dat het recht op het graf vervalt wanneer vijf jaar na constatering en bekendmaking van de verwaarlozing niet in het onderhoud is voorzien. Hierbij wordt rekening gehouden met de termijn van grafrust en uitgiftetermijn van het graf. Zie ook algemene toelichting.
Hoofdstuk 8.
Artikel 20
Artikel 20
Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats en gedenkpark “De Leeuwerenk”2019