1.. De subsidie wordt achteraf vastgesteld.

2.. De subsidie wordt vastgesteld op basis van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor de activiteiten genoemd in artikel 4 van deze Beleidsregel die de Aanvrager heeft opgenomen in de financiële verantwoording van de subsidie.

3.. De Aanvrager dient een aanvraag tot subsidievaststelling in vóór 1 april van het jaar volgend op het jaar waarvoor de subsidie is verleend.

4.. In de verantwoording komt aan de orde:

  • - Een beschrijving op welke wijze de extra pedagogisch medewerkers en pedagogisch specialisten zijn ingezet, gerelateerd aan de extra ondersteuningsbehoefte van het kind;
  • - Een beschrijving van de uitgevoerde activiteiten en daaruit voortkomende resultaten, waar mogelijk geïllustreerd met cijfers;
  • - Het aantal kinderen dat ondersteuning heeft gekregen en een beschrijving van de aard van de ondersteuning;
  • - Een beschrijving van de aard van de opvoedvragen;
  • - Het aantal ouders dat is doorverwezen naar externe ondersteuning en een beschrijving van de aard van de externe ondersteuning;
  • - Een beschrijving van de samenwerking tussen pedagogisch medewerkers, pedagogisch specialisten, jeugdhulpverleners, scholen, wijkteams en andere relevante professionals;
  • - Een beschrijving van de effecten van deze subsidie, bij voorkeur toegelicht aan de hand van twee of meer geanonimiseerde casussen.