Ten aanzien van woonarken die in aanmerking willen komen voor een ligplaatsvergunning gelden de volgende veiligheids- en inrichtingseisen:
de woonark wordt uitsluitend afgemeerd aan door het bevoegd gezag daartoe bestemde, deugdelijke afmeermiddelen;
de woonark is lekvrij en waterdicht;
de woonark waarvan het drijvende deel bestaat uit een stalen casco, heeft een scheepswand met een plaatdikte van minimaal 3,0 millimeter;
de opbouw van de woonark beschikt over voldoende sterkte, stijfheid en stabiliteit,waarvan moet blijken uit een berekening, uit te voeren naar analogie van de in het geldende Bouwbesluit gestelde voorschriften;
de toegang tot en/of de vluchtweg van de woonark sluit direct aan op de wal en is tenminste 0,85 meter breed;
de vluchtweg is zodanig gelegen dat, vanuit de woonark komend, op de wal ongehinderd en zonder obstakels zowel naar links als naar rechts kan worden gevlucht;
een beweegbaar constructieonderdeel, niet zijnde een nooddeur, bevindt zich in geopende stand niet boven een loopplank of steiger waarover een vluchtroute voert;
de loopafstand tussen de toegang van een verblijfsruimte in de woonark en een ingang van de woonark die aansluit op de loopplank of steiger van waaruit de vluchtroute buiten het woonark begint, bedraagt ten hoogste 15 meter. In een besloten ruimte, in de vluchtroute als hiervoor bedoeld, moet een niet-ioniserende rookmelder, volgens de eisen in NEN 2555, zijn aangebracht, die is aangesloten op een gebruikelijke voorziening voor elektriciteit en noodvoorziening voor elektriciteit, zoals eveneens is aangegeven in de NEN-norm;
De sub h genoemde loopafstand is maximaal 25 meter als:
in voor alle voor mensen toegankelijke ruimten, met uitzondering van een toilet- of badruimte, een niet-ioniserende rookmelder volgens de eisen in NEN 2555 is aangebracht, die is aangesloten op een voorziening voor elektriciteit of noodvoorziening voor elektriciteit, zoals is aangegeven in NEN 2555;
bij het in alarmfase gaan van één rookmelder in elke verblijfsruimte een geluidniveau hoorbaar is van ten minste 65 dB(A), doch niet meer dan 85 dB(A);
ter plaatse van of in de nabijheid van een stookplaats van de woonark wordt onbrandbaar materiaal conform NEN-norm 6064 toegepast, als:
ter plaatse van of in de nabijheid van die stookplaats een intensiteit van de warmtestraling kan optreden die groter is dan 2 kW/m2, conform NEN-norm 6061,of
in het materiaal een temperatuur kan optreden die hoger is dan 363 K, bepaald volgens NEN-norm 6061;
een voorziening voor de afvoer van rook is brandveilig uitgevoerd, conform NEN-norm 6062;
een voorziening voor de afvoer van rook is samengesteld uit onbrandbaar materiaal,conform NEN-norm 6064, indien in dat materiaal een temperatuur kan optreden van meer dan 363 K, overeenkomstig NEN-norm 6062;
materiaal van een constructieonderdeel van een wand die grenst aan de binnenlucht bezit een rookdichtheid van maximaal 10 m-1, bepaald volgens NEN 6066;
.het dak van een woonark is niet brandgevaarlijk, conform NEN-norm 6063.
Indien het vergunningverlening ten behoeve van een woonboot betreft, kan het bevoegd gezag afwijken van de in het eerste lid genoemde veiligheids- en inrichtingseisen.