**1..** Deze verordening is van toepassing op het coördineren van de voorbereiding en bekendmaking van een besluit om een bestemmingsplan, een uitwerkingsplan of een wijzigingsplan vast te stellen, of een omgevingsvergunning waarin met toepassing van artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 3e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt afgeweken van het geldende bestemmingsplan te verlenen, met het besluit over een of meer daarmee samenhangende omgevingsvergunningen, al dan niet met aan de omgevingsvergunning en/of aan het bestemmingsplan gerelateerde vergunningen, besluiten, afwijkingen en ontheffingen, ter verwezenlijking van een onderdeel van het gemeentelijk ruimtelijk beleid.
** 2. .** Besluiten die bij een samenloop met een omgevingsvergunning aanhaken en waarvoor een verklaring van geen bedenking nodig is van Gedeputeerde Staten en/of een Minister vallen buiten de reikwijdte van deze verordening.
Hoofdstuk 1.
Artikel 2.