1.. Voor 1 april van het jaar voorafgaande aan het jaar waarvoor de begroting geldt, wordt een begroting opgesteld die moet worden vastgesteld door de colleges van de gemeenten.

2.. In de begroting wordt het bedrag vastgesteld dat voor het betreffende jaar per inwoner moet worden betaald.

3.. De begroting dient als basis voor de afspraken te maken in de dienstverleningsovereenkomst, bedoeld in artikel 8.