1 De ontwerpnotulen van de voorgaande raadsvergadering worden aan de raadsleden toegezonden, zo mogelijk tezelfdertijd als de schriftelijke oproep. De ontwerpnotulen worden tezelfdertijd aan de overige personen die het woord hebben gevoerd, toegezonden.
2 Bij het begin van de raadsvergadering worden, zoveel mogelijk, de notulen van de vorige vergadering vastgesteld.
3 De raadsleden, de voorzitter, de griffier en de portefeuillehouders hebben het recht een voorstel tot verandering aan de raad te doen, indien de ontwerpnotulen onjuistheden bevatten of niet duidelijk weergeven hetgeen gezegd of besloten is.
Een voorstel tot verandering dient bij de griffier te worden ingediend uiterlijk drie uren vóór de geplande aanvang van de raadsvergadering, waarvoor devaststelling van de notulen staat geagendeerd.
4 De notulen moeten inhouden:
de namen van de voorzitter, griffier, de ter vergadering aanwezige raadsleden, de raadsleden die afwezig waren, alsmede van de aanwezige portefeuillehouders en van overige personen die het woord hebben gevoerd;
een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest;
een zakelijke samenvatting van het gesprokene met vermelding van de namen van de aanwezigen die het woord voerden;
een overzicht van het verloop van elke stemming, met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de raadsleden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de raadsleden die zich overeenkomstig de Gemeentewet van stemming hebben onthouden;
de tekst van de ter raadsvergadering ingediende amendementen, subamendementen, moties en voorstellen van orde;
een vermelding van de genomen besluiten.
5 De notulen worden opgesteld onder de zorg van de griffier.
6 De griffier en de voorzitter ondertekenen de vastgestelde notulen.
HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 2
Artikel 20