Geen mandaat wordt verleend van de bevoegdheid tot:
het beslissen op een bezwaar aan degene die het primaire besluit krachtens mandaat heeft genomen;
het geven van een oordeel over klachten;
het vaststellen van beleidsregels en
het nemen van besluiten waaruit financiële gevolgen voortvloeien die niet zijn voorzien in de begroting.
Ondermandaat zoals bedoeld in artikel 2, zesde lid, ziet ten aanzien van ingehuurde medewerkers uitsluitend op publiekrechtelijke besluitvorming.