Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

a.. ruimte: een roerende woon- of bedrijfsruimte, welke duurzaam aan een plaats gebonden is en dient tot permanente bewoning of permanent gebruik;

b.. woonruimte: een ruimte waarvan de vastgestelde waarde in hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van de ruimte die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden;

c.. bedrijfsruimte: een ruimte die niet kan worden aangemerkt als woonruimte.