Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Geluid

Onderdeel van Evenementenbeleid gemeente Wijchen

1.. Voor een evenement gelden de volgende geluidsnormen: Categorie evenement dB(A) dB(C) A1 en A2 70 dB(A) 85 dB(C) B1 en B2 75 dB(A) 90 dB(C) C 85 dB(A) 100 dB(C) 2.. In afwijking van het bepaalde in lid 1, kunnen we voor A1 en A2 evenementen een geluidsnorm van 75 dB(A) en 90 dB(C) hanteren. Dit doen we alleen als de geluidsveroorzakende activiteiten passen bij het type evenement en er geen onevenredige overlast voor de omgeving is. 3.. De in lid 1 en lid 2 genoemde geluidsnormen gelden op de gevel van het dichtstbijzijnde geluidgevoelige gebouw. 4.. Een geluidgevoelig gebouw is: een woning; een onderwijsgebouw; een kinderdagverblijf; een ziekenhuis, verpleeghuis, verzorgingshuis of psychiatrische inrichting. 5.. In afwijking van het bepaalde in lid 3 kunnen we bepalen dat de geluidsnormen gelden op door ons vastgestelde referentiepunten. 6.. De organisatie informeert nabijgelegen bewoners en bedrijven minimaal één week voor het evenement schriftelijk over het evenement. De organisatie noemt: het tijdstip van het evenement; mogelijk overlast veroorzakende activiteiten; een telefoonnummer waarop bewoners en bedrijven meer informatie kunnen krijgen en waar klachten kunnen worden ingediend. 7.. De luidsprekers moeten zo opgesteld worden dat de geluidsproductie zoveel mogelijk van de gevels van de dichtstbijzijnde geluidgevoelige gebouwen af gericht is. 8.. De luidsprekers moeten zo dicht mogelijk bij het publiek opgesteld worden. 9.. Een geluidsmeting vindt plaats op 2 meter afstand van de gevel van het dichtstbijzijnde geluidgevoelige gebouw en op 1,5 meter hoogte. 10.. De effectieve meettijd (zonder pauzes voor stoorgeluid) is minimaal vijf minuten. 11.. We corrigeren de gemeten waarde niet voor bedrijfsduurcorrectie, gevelcorrectie, muziek strafcorrectie, tonaal strafcorrectie, impuls strafcorrectie of meteocorrectie. Bij het bepalen van de geluidsnormen moeten we een belangenafweging maken. Geluid is meestal een onlosmakelijk onderdeel van een evenement. Het draagt bij aan de beleving en sfeer. Bij sommige evenementen is muziek de hoofdactiviteit. We moeten de geluidsnorm niet zo laag stellen dat de beleving weg is. Aan de andere kant hoeven omwonenden niet onbeperkt hinder te accepteren. Bij het bepalen van de geluidsnormen is het uitgangspunt dat in de woning, bij gesloten ramen en deuren, een normaal gesprek mogelijk moet zijn. In de dag- en avondperiode mag daarom het geluidsniveau door het evenement in de woning niet hoger te zijn dan 50 dB(A). De gemiddelde gevelisolatie van een woning is 25-30 dB(A). Dit betekent dat de maximale gevelbelasting 80 dB(A) is. Bij categorie A en B evenementen is de norm zelfs lager. Alleen bij categorie C evenementen is de norm hoger. Deze categorie is zeldzaam. Bijvoorbeeld bij dance-festival Emporium op recreatieterrein de Berendonck. We realiseren ons dat dit voor omwonenden tot geluidsoverlast kan leiden. Maar dit is slechts één dag per jaar en de eindtijd is 0.00 uur (op een zaterdag). Daarom vinden we het acceptabel dat dan een hogere geluidsnorm geldt. In de nachtperiode gaat het niet om het voeren van een normaal gesprek. Dan is belangrijk het wel of niet kunnen slapen. Gezien de aard van het geluid (herkenbaarheid van teksten bij muziek en/of het ritme) ervaren veel mensen al bij een geringe verstaanbaarheid van het geluid slaapproblemen. We vinden het wel verdedigbaar de nachtperiode bij evenementen later te laten ingaan dan gebruikelijk (23.00 uur). We hebben er voor gekozen om geen aparte geluidsnorm op te nemen voor de nachtperiode, maar de eindtijd van muziek vast te leggen. De eindtijd van muziek is op doordeweekse dagen 00.00 uur. Op andere dagen is de eindtijd 01.00 uur. Dat is dus alleen op vrijdag, zaterdag, dagen gevolgd door een nationale feestdag, carnaval en kermis (zie artikel 4). Bij bepaalde typen elektrisch versterkte muziek spelen de lage tonen een grote rol, bijvoorbeeld bij housemuziek. Lage frequenties verzwakken weinig bij de voortplanting door de buitenlucht en bij gevels van gebouwen. Daarom treden deze lage frequenties bij de omgeving, bijvoorbeeld in een woning, sterk op de voorgrond. De gebruikelijke maat voor geluidbelasting is het A-gewogen geluidniveau, uitgedrukt in dB(A). Door de A-weging, die ongeveer de gevoeligheid van het menselijk oor representeert bij een geluidsterkte van 80 dB, worden de lage frequenties niet sterk meegenomen. Lage frequenties worden sterker meegenomen in een andere wegingscurve, de dB(C). Door het verschil tussen de waarden in dB(A) en dB(C) bij de normstelling mee te nemen, wordt een grens gesteld aan de hoeveelheid laagfrequent geluid. Het verschil mag maximaal 15 dB zijn. Dit is verwerkt in de dB(C) norm. De geluidsnormen worden gemeten op de gevel van de dichtstbijzijnde geluidgevoelige bestemming (vaak een woning). Het geluidsniveau op het evenement zelf kan dus veel hoger zijn. We passen geen correcties toe. Mocht een meting niet representatief zijn door omstandigheden buiten het evenement om (bijvoorbeeld harde wind) dan gebruiken we de meting niet. De andere correcties worden gehanteerd bij bedrijfssituaties met een continue karakter. Bij evenementen gaat het om een kortdurende, incidentele situatie. Daarom zijn de correcties niet bruikbaar bij evenementen. Voor kermissen gelden afwijkende geluidsvoorschriften, zie artikel 13.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel