De leden van een commissie ontvangen een vergoeding voor:
het bijwonen (inclusief het voorbereiden) van de vergaderingen van de commissie;
de gemaakte reiskosten in verband met het bijwonen van vergaderingen van de commissie, op basis van de kosten voor openbaar vervoer.
Burgemeester en wethouders stellen telkens voor een periode van twee jaar de vergoeding per vergadering vast.