Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › § 1

Artikel 5.1

Woonkostentoeslag huurders

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Krimpenerwaard 2019

Het college kan bijzondere bijstand verlenen in de vorm van een woonkostentoeslag (Wkt) als de Wet op de huurtoeslag niet als passende en toereikende voorliggende voorziening kan worden aangemerkt. Het college kan bijzondere bijstand verlenen voor een periode van maximaal 12 maanden aan de belanghebbende die een woning huurt met woonkosten boven de van toepassing zijnde maximaal subsidiabele huurgrens als de woonkosten noodzakelijk zijn en voortvloeien uit bijzondere omstandigheden. Aan de bijstand als bedoeld in het vorige lid verbindt het college de verplichting dat belanghebbende actief een goedkopere woning zoekt en deze accepteert (“verhuisplicht”). In de beschikking worden concrete activiteiten voor deze verhuisplicht opgenomen die in ieder geval van de belanghebbende worden verlangd. Indien de belanghebbende, als bedoeld in lid 2, zich in voldoende mate heeft ingespannen om de verhuisplicht na te leven zonder dat dit heeft geleid tot het verkrijgen van een passende woning of woonruimte, kan de woonkostentoeslag met maximaal 6 maanden worden verlengd in het geval de noodzakelijke kosten (nog steeds) voortvloeien uit bijzondere omstandigheden. Indien de belanghebbende, als bedoeld in lid 2, zich niet of in onvoldoende mate heeft ingespannen om de verhuisplicht na te leven en hem dit te verwijten valt, wijst het college de nieuwe aanvraag om (verlenging van de) bijzondere bijstand af, tenzij sprake is van zeer bijzondere omstandigheden. In het geval het college zeer bijzondere omstandigheden, als bedoeld in het vorige lid, vaststelt kan de bijzondere bijstand toch eenmalig met maximaal 6 maanden worden verlengd. De bijzondere bijstand wordt dan verstrekt in de vorm van een lening omdat sprake is van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid als bedoeld in artikel 48 lid 2 onder b van de wet. Indien en zolang het college de verhuisplicht niet oplegt is de bijzondere bijstand in principe niet aan de maximale termijn gebonden als bedoeld in lid 2.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel