Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II:

Artikel 8

Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Verordening Reinigingsheffingen 2011

De belasting bedoeld in hoofdstuk I van de bij deze verordening behorende tarieventabel, is verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt is de belasting, bedoeld in hoofdstuk I van de bij deze verordening behorende tarieventabel, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar volgens hoofdstuk I verschuldigde belasting, bedoeld in hoofdstuk I van de bij deze verordening behorende tarieventabel, als er in dat jaar na het afloop van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven. De belasting bedoeld in hoofdstuk II van de bij deze verordening behorende tarieventabel wordt verschuldigd bij de aankoop van de in die tabel genoemde gemeentelijke huisvuilzakken. De belasting bedoeld in hoofdstuk III van de bij deze verordening behorende tarieventabel wordt verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.

Rechtspraak bij dit artikel