Het college is bevoegd om:

  • - aanvragen voor startersleningen te toetsen aan artikel 2 en 3;
  • - te besluiten een aanvraag niet in behandeling te nemen;
  • - met inachtneming van het bepaalde in deze verordening te besluiten een starterslening toe te wijzen;
  • - te besluiten een aanvraag af te wijzen.