1.. Uiterlijk binnen vier maanden na afloop van het boekjaar of uiterlijk binnen drie maanden na de beëindiging van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, dient de subsidie-ontvanger bij het college een aanvraag in tot vaststelling van het subsidie.

2.. Het college kan in voorkomende gevallen bepalen dat van het bepaalde in het eerste lid kan worden afgeweken.

3.. Het college beslist binnen acht weken op de aanvraag tot subsidievaststelling.

4.. Het college kan in bijzondere omstandigheden, te zijner beoordeling, de in het derde lid gestelde termijn met vier weken verlengen. De aanvrager wordt hiervan in kennis gesteld.