Naar hoofdinhoud
1.. Indien na afloop van de aflossingsperiode van twee jaar een deel van de geldlening nog niet is afgelost, is vanaf dat moment maandelijks rente verschuldigd over het nog niet afgeloste deel van de geldlening. 2.. De rente, bedoeld in het eerste lid, is de wettelijke rente, verminderd met 3 procent. 3.. Indien de belanghebbende naar het oordeel van burgemeester en wethouders de rente geheel of gedeeltelijk kan betalen, doch niet kan aflossen, wordt een betaling eerst tot ten hoogste het bedrag van de verschuldigde maandrente aangemerkt als aflossing en wordt de rente die daardoor niet wordt betaald bijgeschreven bij het nog niet afgeloste deel van de geldlening. 4.. Indien belanghebbende naar het oordeel van burgemeester en wethouders geen rente kan betalen, wordt de verschuldigde rente bijgeschreven bij het nog niet afgeloste deel van de geldlening. 5.. Over een bijgeschreven rentevordering is geen rente verschuldigd. 6.. Het restant van de geldlening en de bijgeschreven rente kan niet meer bedragen dan het oorspronkelijke bedrag waarvoor hypotheek is gevestigd, tenzij er rente in rekening wordt gebracht op grond van beleidsregel 4 vijfde lid.

Rechtspraak bij dit artikel