Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1:

Artikel 1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van VERORDENING MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 2019

In deze verordening wordt verstaan onder: a. ADL-clusterwoning (ADL= Algemene Dagelijkse Levensverrichtingen): een zelfstandige woning voor mensen met een ernstige lichamelijke handicap of chronische aandoening waar 24 uur per dag hulp en assistentie ingeroepen kan worden; b. algemeen gebruikelijke voorziening:een voorziening waarvan, gelet op de omstandigheden, aannemelijk is dat de cliënt daarover, ook als hij geen beperkingen had, zou (hebben kunnen) beschikken; c. algemene voorziening: aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers, toegankelijk is en dat is gericht op maatschappelijke ondersteuning; d. beschermd wonen: de maatwerkvoorziening beschermd wonen die kan worden ingezet in twee ondersteuningsvormen: I ondersteuningsvorm beschermd wonen: - wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorende toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen, bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving; en, - de begeleiding wordt planbaar en onplanbaar (24 uur per dag) geboden op gevraagde en ongevraagde momenten, zodat er goed kan worden ingespeeld op de (al dan niet geëxpliciteerde) zorgvraag van de cliënt. II ondersteuningsvorm Beschermd Thuis: - de begeleiding is te allen tijden 24 uur per dag aanwezig of op afroep beschikbaar, en; - de begeleiding wordt planbaar en onplanbaar (24 uur per dag) geboden op gevraagde en ongevraagde momenten, zodat er goed kan worden ingespeeld op de (al dan niet geëxpliciteerde) zorgvraag van de cliënt. e. besluit: Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Venray 2019; f. bestedingsplan: onderdeel van het persoonlijk plan waarin de cliënt gemotiveerd aangeeft waarom hij de maatwerkvoorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget geleverd wenst te krijgen en hoe en waaraan hij het persoonsgebonden budget gaat besteden; g. bezoekbaar maken: het zodanig toegankelijk maken van de woning dat de aanvrager de woning, de woonkamer en een toilet kan bereiken; h. dagbesteding licht: dagactiviteit in groepsverband. Activiteiten worden collectief aangeboden waarbij maatwerk geboden wordt. De activiteiten dragen bij aan de kwaliteit van de daginvulling van de deelnemer. De deelnemers hebben enige fysieke zorgbehoefte, hebben behoefte aan structuur en regelmaat, hebben professionele begeleiding nodig en kunnen geen gebruik maken van een algemene voorziening; i. dagbesteding midden: zie h met als verschil dat de deelnemers vaak een matige fysieke zorgbehoefte hebben en een grote noodzaak tot structuur en regelmaat nodig kunnen hebben; j. dagbesteding zwaar: zie h met als verschil dat de deelnemers vaak een grote zorgbehoefte hebben en een grote noodzaak tot structuur en regelmaat kunnen hebben; k. persoonlijke verzorging basis: het ondersteunen op het gebied van de persoonlijke verzorging, gericht op het opheffen van een tekort aan zelfredzaamheid. De aard van de hulpvraag ligt nadrukkelijk niet op een behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico hierop; l. persoonlijke verzorging basis plus: zie k met de toevoeging dat de cliënt naast planbare zorg ook kan rekenen op oproepbare zorg binnen een redelijke tijd; m. logeren licht: het ontlasten van de mantelzorger door tijdelijk dag- en nachtopvang te bieden, waarbij ondersteuning en begeleiding worden geboden op het niveau waarop dat in de thuissituatie plaatsvond. Aangevuld met de ondersteuning en begeleiding die in de thuissituatie door de mantelzorger worden verricht. De deelnemers hebben vaak enige fysieke zorgbehoefte, hebben behoefte aan structuur en regelmaat, hebben begeleiding nodig en kunnen geen gebruik maken van een algemene voorziening logeren; n. logeren midden/zwaar: zie m met als verschil dat deelnemers vaak een matige tot grote fysieke zorgbehoefte hebben, grote noodzaak tot structuur en regelmaat kunnen hebben en dat er professionele ondersteuning en begeleiding nodig kan zijn; o. vervoer basis: specifieke vervoersvoorziening voor een cliënt naar de dagbesteding; p. vervoer Rolstoel: specifieke vervoersvoorziening voor een cliënt met rolstoel naar de dagbesteding; q. individuele begeleiding basis: het individueel ondersteunen van mensen om zo zelfstandig mogelijk te leven en participatie in de samenleving mogelijk te maken; r. individuele begeleiding specialistisch: zie q met de toevoeging dat er ook sprake is van overname en regie. De cliënt wordt ondersteund bij beperkingen op het vlak van zelfregie over het dagelijks leven, waaronder begeleiding bij tekortschietende vaardigheden in het zelfregelend vermogen zoals dagelijkse bezigheden regelen, besluiten nemen, plannen en uitvoeren taken, beheerszaken regelen, communicatie, sociale relaties en organisatie van het huishouden. Er is vaak sprake van complexe en zware problematiek. s. hulp bij het huishouden: ondersteuning bij het voeren van het huishouden en het doen van de wasverzorging; t. bijdrage in de kosten: bijdrage als bedoeld in artikel 2.1.4, eerste lid, van de wet; u. cliёntondersteuning: onafhankelijke ondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning die bijdraagt aan het versterken van de zelfredzaamheid en participatie en het verkrijgen van een zo integraal mogelijke dienstverlening op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, preventieve zorg, zorg, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen; v. gebruikelijke hulp: hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten; w. huiselijke kring: een familielid, een huisgenoot of een mantelzorger; x. hulpvraag: behoefte aan maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet; y. ingezetene: cliënt die hoofdverblijf heeft in de gemeente Venray; z. leefzorgplan: een document waarin de ondersteuningsbehoefte van de hulpvrager is vastgelegd, samen met de doelen (beoogde resultaten) en hoe deze te bereiken, evenals de bijdragen die zowel het college als de hulpvrager en sociale netwerk hieraan kunnen leveren. aa. maatwerkvoorziening: op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon afgestemd geheel van diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen: - ten behoeve van zelfredzaamheid, daaronder begrepen kortdurend verblijf in een instelling ter ontlasting van de mantelzorger, het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen, - ten behoeve van participatie, daaronder begrepen het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen en andere maatregelen, - ten behoeve van beschermd wonen en opvang; ab. mantelzorg: hulp ten behoeve van zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen, opvang, jeugdhulp, het opvoeden en opgroeien van jeugdigen en zorg en overige diensten als bedoeld in de Zorgverzekeringswet, die rechtstreeks voortvloeit uit een tussen personen bestaande sociale relatie en die niet wordt verleend in het kader van een hulpverlenend beroep; ac. melding: verzoek als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid van de wet, om onderzoek naar de behoefte aan maatschappelijke ondersteuning; ad. niet-professionele ondersteuning: ondersteuning door personen of organisaties die niet voldoen aan de vereisten die gelden voor professionele ondersteuning; ae. opvang: onderdak en begeleiding voor personen die de thuissituatie hebben verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving; af. onderzoek: onderzoek als bedoeld in artikel 2.3.2. lid 4 van de wet; ag. persoonlijk plan: plan waarin de cliënt de omstandigheden, bedoeld in artikel 2.3.2, vierde lid, onderdelen a tot en met g van de wet, beschrijft en aangeeft welke maatschappelijke ondersteuning naar zijn mening het meest is aangewezen; ah. professionele ondersteuning: - een onderneming als bedoeld in artikel 5, onderdelen a, c, d of e, van de Handelsregisterwet 2007 waarvan de activiteiten blijkens de inschrijving in het handelsregister, bedoeld in artikel 2 van die wet, geheel of gedeeltelijk bestaan uit het verlenen van maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 1.1.1 Wmo 2015 of - een onderneming als bedoeld in artikel 5, onderdeel b, van de Handelsregisterwet 2007 waarvan de activiteiten blijkens de inschrijving in het handelsregister, bedoeld in artikel 2 van die wet, geheel of gedeeltelijk bestaan uit het verlenen van maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 1.1.1, Wmo 2015, en die toebehoort aan een zelfstandige zonder personeel waaraan een geldige beschikking als bedoeld in artikel 3.156 van de Wet inkomstenbelasting 2001 is afgegeven of - de daadwerkelijke ondersteuning gebeurt door een persoon die is ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 3 of artikel 34 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg, dan wel aangesloten is bij een landelijk erkende beroepsgroep en voldoet aan de door deze beroepsgroep erkende kwaliteitseisen en daarom bevoegd is tot het uitoefenen van een beroep voor het verlenen van maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 1.1.1, Wmo 2015. ai. sociaal netwerk: een familielid, huisgenoot, (voormalig) echtgenoot of andere personen met wie de hulpvrager een sociale relatie onderhoudt; aj. uitvoeringsbesluit: Uitvoeringsbesluit Wmo 2015; ak. keukentafelgesprek: gesprek met de cliënt waarbij op grond van artikel 2.3.2. lid 2 Wmo 2015 de hulpvraag onderzocht wordt en waarbij ondersteuning van de cliënt door derden kan plaatsvinden; al. wet: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; am. zaak: de voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke objecten. an. zelfstandige woonruimte: een woning met een eigen toegangsdeur die de rechthebbende van binnen en buiten op slot kan doen. In de woning moeten in elk geval een eigen woon(slaap)kamer, een eigen keuken met aanrecht en aan- en afvoer voor water, een aansluitpunt voor een kooktoestel en een eigen toilet met waterspoeling aanwezig zijn; ao. codelijst verkorte procedure: een lijst met vaste bedragen voor een aantal standaard woonvoorzieningen. Het is een verkorte, snellere procedure voor de aanvraag van kleinere woningaanpassingen. ap. ‘grijs’ wonen: tijdelijk onderdak geboden aan dakloze inwoner via familie of vrienden. Er wordt professionele begeleiding op maat geboden om er voor te zorgen dat de dakloze inwoner binnen 3 maanden weer een eigen plek heeft. aq. trajecthuis: is een mini-opvang voor maximaal drie personen waar daklozen onder intensieve begeleiding leren om zelfstandig te wonen. ar. Domus-huis: is een beschermde woonvorm voor dak- en thuisloze inwoners die vanwege persoonlijke problematiek niet in staat zijn om in een trajecthuis te wonen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel