**1..** In afwijking van de termijnen genoemd in artikel2 lid 1 en 2 kan op kortere termijn een aankondiging worden gedaan van een (gedeeltelijke) intrekking van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1 eerste lid onder a van de Wabo, wanneer sinds het onherroepelijk worden van de vergunning sprake is van planologische wijzigingen of van wijziging in stedenbouwkundige inzichten, welstandsvereisten of beleid voor de instandhouding en het beheer van monumenten.
**2..** Hiervan is sprake vanaf het moment dat na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning de volgende wijzigingen bekend zijn gemaakt door middel van een tervisielegging van een ontwerpbesluit voor:
een (herziening of wijziging van een) bestemmingsplan;
(een aanpassing van of aanvulling op) de Welstandsnota;
beleidsregels met betrekking tot het verlenen van een omgevingsvergunning op grond van artikel 2.12 van de Wabo.;
beleidsregels op het gebied van de in artikel 2.2 eerste lid onder b of c genoemde activiteiten.
**3..** Ten aanzien van de procedure om tot intrekking te komen, wordt gehandeld overeenkomstig het bepaalde in artikel 2, met dien verstande dat een intrekking op welstandsgronden gebaseerd moet zijn op een advies van de gemeentelijke welstandscommissie.