1 Burgemeester en wethouders zenden een afschrift van de aanvraag om vergunning voor het wijzigen van een rijksmonument met de ingebrachte zienswijzen, het advies van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg en, indien aanwezig het advies van Gedeputeerde Staten, zo spoedig mogelijk maar in ieder geval binnen vijftien weken na ontvangst van de aanvraag, om advies aan de monumentencommissie.
2 De monumentencommissie adviseert schriftelijk aan burgemeester en wethouders over de aanvraag binnen vier weken na de datum van verzending van het verzoek. Indien een bouwhistorisch en/of archeologisch onderzoek noodzakelijk wordt geacht kan de termijn met ten hoogste vier weken worden verlengd.
3 De monumentencommissie betrekt de beschrijving van het monument en de restauratieve richtlijnen bij haar advies.
3Bij overschrijding van de in lid 2 genoemde termijnen wordt de monumentencommissie geacht geadviseerd te hebben.
HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3
Artikel 14
Vergunning voor beschermd rijksmonument
Onderdeel van Monumentenverordening 2005