Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 1

Artikel 8

Oproep en ter inzage liggende stukken

Onderdeel van Verordening op ’de raad luistert’ en ‘de raad debatteert’ 2019

De voorzitter, c.q. de griffier namens de voorzitter, zendt ten minste tien dagen voor een vergadering alle raads- en burgerleden een schriftelijke oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken. Voorafgaande aan ‘de raad luistert’ zal de griffier in overleg met de voorzitter nagaan welke overige deelnemers worden uitgenodigd. De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in de artikelen 25, eerste en tweede lid, 55, eerste en tweede lid en 86, eerste en tweede lid, van de wet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de schriftelijke oproep aan de raads- en burgerleden toegezonden en ter inzage gelegd. Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet buiten het Stadskantoor gebracht. Elektronisch beschikbare stukken worden op de website van de gemeente geplaatst. Stukken waaromtrent op grond van de artikelen 25, eerste en tweede lid, 55, eerste en tweede lid en 86, eerste en tweede lid, van de wet geheimhouding is opgelegd, blijven in afwijking van het eerste en vijfde lid, onder berusting van de griffier en verleent deze een fractiedeelnemer op verzoek inzage.

Rechtspraak bij dit artikel