Naar hoofdinhoud

Artikel 4.26

Hoogte verlaging bij schending geüniformeerde arbeidsverplichtingen

Onderdeel van Beleidsregels Werk & Inkomen 2019

Onderstaand beleid is opgenomen in de Maatregelenverordening. Duur verlaging Als een belanghebbende een verplichting als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de PW niet of onvoldoende nakomt, bedraagt de verlaging 100% van de bijstandsnorm gedurende één maand. Verrekenen verlaging Het bedrag van de verlaging, wordt toegepast over de maand van oplegging van de maatregel en de volgende 2 maanden als bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen. Geen verrekening Als sprake is van een verlaging op grond van artikel 18, vierde lid, onderdeel a, van de PW, vindt geen verrekening als hierboven bedoeld plaats. Besluit In het besluit tot het opleggen van een verlaging van de uitkering worden in ieder geval vermeld: de reden van de verlaging; de duur van de verlaging; het percentage waarmee de uitkering wordt verlaagd; en indien van toepassing, de reden om af te wijken van de standaardverlaging. Samenloop Eén gedraging, schending meerdere verplichtingen Als sprake is van één gedraging die schending oplevert van meerdere in artikel 18 lid 4 Participatiewet genoemde verplichtingen, wordt één verlaging opgelegd. Voor het bepalen van de hoogte en duur van de verlaging wordt uitgegaan van de gedraging waarop de hoogste verlaging is gesteld. Meerdere gedragingen, schending één of meerdere verplichtingen Als sprake is van meerdere gedragingen die schending opleveren van één of meerdere in artikel 18 lid 4 Participatiewet genoemde verplichtingen, wordt voor iedere gedraging een afzonderlijke verlaging opgelegd. Deze verlagingen worden gelijktijdig opgelegd, tenzij dit gelet op de ernst van de gedraging, de mate van verwijtbaarheid en de omstandigheden van de belanghebbende niet verantwoord is. Samenloop met bestuurlijke boete (één gedraging) Als sprake is van één gedraging die schending oplevert van zowel een in artikel 18 lid 4 Participatiewet genoemde verplichting als een in artikel 17 lid 1 Participatiewet genoemde verplichting, wordt geen verlaging opgelegd, voor zover voor die schending een bestuurlijke boete wordt opgelegd. Samenloop met bestuurlijke boete (meerdere gedragingen) Als sprake is van meerdere gedragingen die schending opleveren van zowel een in artikel 18 lid 4 Participatiewet genoemde verplichting als een in artikel 17 lid 1 Participatiewet genoemde verplichting, waarvoor een bestuurlijke boete kan worden opgelegd, wordt voor iedere gedraging een afzonderlijke verlaging opgelegd, tenzij dit gelet op de ernst van de gedraging, de mate van verwijtbaarheid en de omstandigheden van de belanghebbende niet verantwoord is. Recidive Verdubbeling van de duur van de oorspronkelijke verlaging Als een belanghebbende zich, binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarmee een verlaging is toegepast (of waarmee is afgezien van een verlaging) op grond van schending van geüniformeerde verplichtingen, opnieuw schuldig maakt aan eenzelfde verwijtbare gedraging, wordt telkens de duur van de oorspronkelijke verlaging verdubbeld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel