- - Het college stelt zich tot doel om de teruggevorderde uitkering en de op derden verhaaldebijstand optimaal in te vorderen, voor zover zich daar geen andere wettelijke regeling tegen verzet.
- - Het college ziet van gehele of gedeeltelijke (verdere) invordering af, indien de belanghebbende:
- - een minnelijke regeling in het kader van, of analoog aan, de Wet SchuldsaneringNatuurlijke Personen heeft getroffen, dan wel een (voorlopige) schuldsaneringsregeling door de rechtbank van toepassing is verklaard zoals bedoeld in de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. Bij deze minnelijke regeling wordt een fraudevordering op de belanghebbende niet meegenomen;
- - een verzoek om kwijtschelding doet, nadat hij gedurende 10 jaar volledig aan zijnbetalingsverplichtingen heeft voldaan;
- - een verzoek om kwijtschelding doet, nadat hij gedurende 10 jaar weliswaar niet volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan, maar het achterstallige bedrag over die periode en de eventueel op de invordering betrekking hebbende kosten, alsnog uit eigen beweging heeft betaald;
- - gedurende 10 jaar geen betalingen heeft verricht en niet aannemelijk is dat hij deze op enig moment zal gaan verrichten;
- - een voorstel tot afkoop doet, op voorwaarde dat:
- - de afkoopsom ten minste 50% van de openstaande vordering bedraagt en ineenswordt voldaan, en;
- - het aannemelijk is dat reguliere incasso niet een hoger bedrag oplevert dan deafkoopsom;
- - een beroep doet op de aanwezigheid van dringende redenen en dit beroep door hetcollege is gehonoreerd.
- - Indien de terugvordering niet het gevolg is van het niet of niet behoorlijk nakomen van deverplichting, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Participatiewet, artikel 13, eerste lid, IOAW of artikel 13, eerste lid, IOAZ geldt dat de termijn in het tweede lid, onder b, c en d 5 jaar is.
- - Het college ziet niet af van (verdere) invordering indien de terugvordering meer dan één keer het gevolg is van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Participatiewet, artikel 13, eerste lid, IOAW of artikel 13, eerste lid, IOAZ.
- - Het tweede lid is niet van toepassing indien een opgelegde periodieke onderhoudsverplichting nog niet is geëindigd.
- - Kwijtschelding vindt niet plaats indien de vordering:
- - het gevolg is van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Participatiewet, artikel 13, eerste lid, IOAW of artikel 13, eerste lid, IOAZ en voor minder dan 75% is afgelost;
- - door middel van beslag of (vereenvoudigd) derdenbeslag wordt ingevorderd;
- - voor invordering is overgedragen aan de gerechtsdeurwaarder, dan wel;
- - wordt gedekt door pand of hypotheek op een of meer goederen, dit voor zover devordering op deze goederen kan worden verhaald.
Artikel 5 Beleidsregels terugvordering, verhaal en invordering Participatiewet, IOAW en IOAZ 2019 gemeente Baarn
Invordering en kwijtschelding
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering, verhaal en invordering Participatiewet, IOAW en IOAZ 2019 gemeente Baarn
Bewaren kan ook zonder account
Verwijzingen
- artikel 17, eerste lid, van de Participatiewet
- artikel 13, eerste lid, IOAW
- artikel 13, eerste lid, IOAZ
- artikel 17, eerste lid, van de Participatiewet
- artikel 13, eerste lid, IOAW
- artikel 13, eerste lid, IOAZ
- artikel 17, eerste lid, van de Participatiewet
- artikel 13, eerste lid, IOAW
- artikel 13, eerste lid, IOAZ
Houd art. 5 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon