Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK

Artikel 39

- Schriftelijke vragen

Onderdeel van Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad 2019

Ieder lid kan aan de burgemeester of aan het college schriftelijke vragen stellen. De vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. De vragen worden bij de voorzitter ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige leden van de raad worden gebracht. De beantwoording vindt schriftelijk plaats binnen vier weken nadat de vragen zijn binnengekomen. Indien beantwoording binnen deze termijn niet mogelijk is, stelt de burgemeester of het college de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis. Hierbij wordt de termijn vermeld waarbinnen wel tot beantwoording kan worden overgegaan. Dit bericht wordt aangemerkt als een antwoord. De vragen en antwoorden worden aan de leden van de raad en het college toegezonden en op de website geplaatst.

Rechtspraak bij dit artikel