**1..** Het College stelt de subsidie vast op basis van de totaal afgenomen uren peuterwerk en peuterwerk met VVE.
**2..** De houder dient vóór 1 maart de aanvraag voor vaststelling van de subsidie per locatie voor het voorgaande kalenderjaar in, via een door het college vastgesteld formulier.
**3..** De houder levert, onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 3 van de ASV, de volgende gegevens aan ter vaststelling van de subsidie:
het totaal overzicht van de per kwartaal aangeleverde gegevens;
een inhoudelijke verantwoording die ten minste een evaluatie bevat van:
de uitvoering en resultaten van het peuterwerk (met VVE)
de toeleiding van de peuters met een VVE-indicatie
de warme overdracht van peuters naar de basisschool
de wijze waarop invulling is gegeven aan de randvoorwaardelijke en procedurele verplichtingen (artikel 11) en de inhoudelijke verplichtingen (artikel 12);
een financiële verantwoording.
**4..** Bij een subsidieverlening van meer dan €75.000,- levert de houder in aanvulling op artikel 12, lid 3, een accountantsverklaring in.
**5..** Het College stelt binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag de subsidie vast.
Hoofdstuk 3
Artikel 13