Bij elke afweging, om al dan niet mee te werken aan de gevraagde afwijking, gelden een aantal kwalitatieve criteria die betrokken moeten worden. Dit zijn algemene principes die bij elk ruimtelijk besluit centraal staan.
Onderstaand deze criteria:
Bij de afweging om, al dan niet, tot afwijking over te gaan worden in elk geval de volgende aspecten betrokken:
de stedenbouwkundige belangen (ruimtelijke kwaliteit);
de ruimtelijke relevante aspecten, zoals bijvoorbeeld milieukundige of verkeerskundige belangen;
het belang van de aanvrager;
de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van nabijgelegen gronden;
de vraag of een zekerheidstelling nodig is m.b.t. de (plan)kosten;
de vraag of er eisen gesteld moeten worden aan het plan met betrekking tot bijvoorbeeld de (perceels) inrichting, sloop, situering, gebruik, termijnen, vormgeving, materiaal- en kleurgebruik etc.
Elke afwijking is anders. Dat houdt ook in dat soms met een eenvoudig document volstaan kan worden waarin de motivering staat beschreven. In andere gevallen is een uitgebreidere (aparte) motivering nodig met soms ook stedenbouwkundige onderbouwingen en onderzoeksrapportages.
Voor onderdeel a, “de stedenbouwkundige afweging”, volgt hierna een handreiking met een aantal basisprincipes die in deze afweging aan bod komen en enkele aandachtspunten voor twee vaak voorkomende kruimelgevallen.
Artikel 6
AFWEGINGSCRITERIA
Onderdeel van Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente West Betuwe houdende regels omtrent het Kruimelbeleid