Naar hoofdinhoud
1.. Een medewerker die regelmatig en in belangrijke mate op onregelmatige uren werkt, heeft conform artikel 6:2:1, lid 4 van de CAR/UWO recht op 14,4 uur extra bovenwettelijk vakantieverlof. 2.. Een medewerker kan op basis van artikel 6:2, tweede lid van de CAR/UWO jaarlijks voor 1 december een verzoek indienen om in het volgende kalenderjaar bij een volledig dienstverband maximaal 50,4 uur meer te werken en deze uren toe te voegen aan zijn verlofsaldo. 3.. Door het inzetten van het Individueel Keuzebudget (IKB) kan de medewerker conform artikel 3:29, lid 1a, tot 4 maal zijn dienstverband per week kopen en deze toevoegen aan zijn verlofsaldo. 4.. Voor ieder uur vakantieverlof gekocht via het IKB wordt een vergoeding ingehouden op het IKB overeenkomend met de hoogte van het salaris per uur dat hij geniet in de maand waarin de medewerker de keuze maakt. 5.. Vakantieverlof gekocht via het IKB kan niet meer worden verkocht op basis van artikel 3:36 van de CAR/UWO. 6.. Het college wijst een verzoek, als bedoeld in het tweede lid, af als de aanvrager op het moment van de aanvraag al een verlofsaldo heeft dat het aantal verlofuren in artikel 14, lid 1 overstijgt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel