Het college verleent aan verzoeker alleen schuldhulpverlening als zij dit noodzakelijk acht.
Het college bepaalt de noodzaak voor schuldhulpverlening op grond van:
zwaarte en / of omvang van de schuld(en)
psycho-sociale situatie
houding en gedrag van de verzoeker (motivatie)
een eventueel eerder gebruik van schuldhulpverlening.
De schuldhulpverlening kan bestaan uit (een combinatie van):
Aanvraag Moratorium bij de rechtbank. De rechter kan dan bepalen dat scheuldeisers tijdelijk hun schuld niet kunnen (in)vorderen.
Betalingsregeling. Het college bemiddelt tussen de schuldenaar en zijn schuldeisers volgens de richtlijnen van de NVVK. Het doel is een minnelijke regeling van de totale schuldenlast te realiseren.
Budgetbeheer. Het beheren van het inkomen van de verzoeker en het verrichten van betalingen volgens het vastgestelde budgetplan.
Informele ondersteuning en/of budgetadvies.
Schuldbemiddeling.
Schuldsanering.
Wsnp. Het college geeft een verklaring af (volgens artikel 285 lid f Wsnp). Hierin staat waarom er geen buitengerechtelijke schuldenregeling mogelijk is en wat de verzoeker kan aflossen.
Bij levering van een product door de kredietbank houden zowel college als verzoeker zich aan het beleid van de kredietbank en de NVVK regels.