1. Een aanvraag voor de Subsidie Amateurkunsteducatie wordt alleen in behandeling genomen als deze:
• tijdig is ingediend. De indientermijn voor deze subsidie is 3 juni 2019;
• gericht is op de periode 2019 - 2021;
• gericht is op subsidiabele activiteiten (zoals genoemd onder artikel 5);
• door middel van een volledig ingevuld en ondertekend digitaal aanvraagformulier Amateurkunsteducatie is ingediend via www.utrecht.nl/subsidie.
2. Om in aanmerking te komen voor de subsidie amateurkunsteducatie, dient te worden voldaan aan ALLE onderstaande eisen:
• De activiteiten waarvoor de aanvrager subsidie aanvraagt zijn primair gericht op doelgroepen in Utrecht en vinden plaats in de gemeente Utrecht.
• De activiteiten waarvoor de aanvrager subsidie aanvraagt vinden plaats in de periode 2019 – 2021. De uitvoering van de amateurkunsteducatie-activiteiten start uiterlijk vanaf 1 november 2019 of zoveel eerder indien mogelijk voor de aanvrager. De aanvrager neemt de startdatum voor activiteiten voor amateurkunsteducatie op in zijn aanvraag.
• De aanvrager verklaart in de aanvraag bereid te zijn mee te zullen werken aan het gezamenlijk met andere aanbieders publiceren van (gesubsidieerde) activiteit(en) op het gebied van amateurkunsteducatie, bijvoorbeeld via een online platform.
• De behoefte aan subsidiëring en de hoogte van de gevraagde subsidie kan aannemelijk gemaakt worden. Daarbij wordt uitgelegd waarom er sprake is van een onrendabele top (hogere kosten dan opbrengsten). De onrendabele top kan incidenteel (eenmalige opstartkosten/investeringen) en/of structureel zijn.
• Er wordt met de activiteiten bijgedragen aan een doorlopende leerlijn binnen het aanbod, waardoor amateurkunstbeoefenaars zich kunnen (blijven) ontwikkelen. Een doorlopende leerlijn geeft aan hoe de beoefenaars van het beginnersniveau tot hogere leerdoelen komen. Deze leerlijn komt tot stand binnen het aanbod van de aanvrager zelf en/of door middel van samenwerking met partners in het veld.
• De activiteiten beogen creativiteitsontwikkeling van amateurkunstbeoefenaars en stimulering van (jong) talent.
3: Een aanvraag moet bestaan uit een Activiteitenplan met daarin opgenomen:
a. Kwaliteit
• Ambitie en visie op het gebied van amateurkunsteducatie en samenwerking met partners.
• Beschrijving van het aanbod:
o Aantal contacturen tussen docent en cursist(en)/deelnemer(s).
o Type, vorm van de activiteit(en).
o Discipline(s), interdisciplinair, cross over.
o De structuur en opbouw van een cursus of andere amateurkunsteducatie-activiteit, met daarin aandacht voor receptieve, actieve en reflectieve aspecten van amateurkunsteducatie.
o De toegepaste leerstrategie(ën).
o Wijze waarop het creatieve vermogen van cursisten/deelnemers gestimuleerd wordt en feedback wordt gegeven op de cursisten/deelnemers.
o Wijze waarop de activiteiten inhoudelijk aansluiten op de behoefte van de cursisten/deelnemers.
• Beschrijving van de professionaliteit van de docenten, mede door toevoegen van cv’s.
b. Betekenis voor de stad
• Beschrijving van relatie met overig gemeentelijk beleid.
• Beschrijving van samenwerking met partners (op welk gebied, vorm en intensiviteit).
• Motivatie keuze voor wijk en/of centrum.
• Toelichting op wijze waarop de aanvrager betaalbaarheid van het aanbod voor doelgroepen waarborgt.
• Motivatie van de keuze voor locatie/accommodatie (in verband met fysieke toegankelijkheid).
c. Cultureel ondernemerschap
• Beschrijving van het cultureel ondernemerschap; organisatie, bedrijfsvoering, marketing (strategisch).
• Beschrijving van de doelgroep en het gewenste aantal deelnemers.
• Beschrijving van de wijze waarop de aanvrager zich ervan heeft vergewist dat er voldoende vraag naar de activiteiten is bij de beoogde doelgroep.
• Beschrijving van werving van en communicatie met cursisten/deelnemers.
• Begroting: prijs van het aanbod voor de amateurkunstbeoefenaar.
• Planning van de activiteiten, inclusief startdatum activiteiten.
• Realistische en sluitende begroting met een toelichting op de onrendabele top.
• Dekkingsplan. Een aanvrager moet kunnen aantonen dat er – naast de gevraagde subsidie – voldoende middelen zijn om de aangegeven activiteiten uit te voeren.
• Overzicht van andere subsidieaanvragen en -toekenningen.
• Ingevuld formulier ‘goed bestuur’ dat door de gemeente aan de subsidie-aanvrager zal worden verstrekt.
Hoofdstuk 2
Artikel 6
Eisen aan de subsidieaanvraag
Onderdeel van Beleidsregel Subsidie Amateurkunsteducatie gemeente Utrecht (overgangsregeling)