1.. Het college en de burgemeester verlenen de aan de directeur-secretaris gemandateerde bevoegdheden tevens aan de medewerkers, behoudens voor zover het college en de burgemeester de bevoegdheden voorbehoudt aan de

  • - de directeur-secretaris (bijlage 2);
  • - de organisatiemanager (bijlage 3);
  • - de concerncontroller (bijlage 4);
  • - de managers (bijlage 5).

2.. Indien bij een in mandaat te nemen besluit meerdere functionarissen zijn betrokken wier standpunten niet gelijkluidend zijn, blijft het mandaat, behoudens de onafhankelijke positie van de concerncontroller, voorbehouden aan de in hiërarchie eerstvolgende hogere functionaris.

3.. De in het eerste lid genoemde functionarissen maken van de aan hen verleende mandaten slechts gebruik voor aangelegenheden die behoren bij hun werkterrein en binnen de grenzen van de hen toegekende budgetten.