Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Resultaatgebied ‘huishouden’ nader toegelicht

Onderdeel van Beoordelingskader Thuisondersteuning

Schoon en leefbaar huis Een schoon huis betekent dat iedereen gebruik moet kunnen maken van een schone woonkamer, de als slaapvertrek in gebruik zijnde ruimtes, de keuken, sanitaire ruimtes en trap/gang. Het huis dient zodanig schoon te zijn dat het niet vervuilt en zo een algemeen aanvaard basisniveau van schoon houden wordt gerealiseerd. De taken die leiden tot een schoon en leefbaar huis, conform bovenstaande definitie is door experts vastgesteld en beschreven in een onafhankelijk en objectief onderzoek, uitgevoerd door KPMG Plexus en Bureau HHM, juli 2016. Gemiddeld arrangement Via het onafhankelijke en objectieve onderzoek is vastgesteld dat met 105 uren per jaar het resultaat schoon huis behaald kan worden. In Zwolle hanteren wij de uitkomsten van dit onderzoek. Ook de hoogte van het budget horende bij het gemiddeld arrangement is hierop gebaseerd, zie in bijlage 1 trajectfinanciering. Het schoonmaken/ houden van het huis betreft een gezamenlijke verantwoordelijkheid van inwoner en zorgaanbieder. Bij een gemiddelde situatie (zie kader hieronder) is 105 uur inzet door een professional benodigd ). In de gemiddelde situatie gaan we ervanuit dat de mogelijkheden van cliënt en ondersteuning van het netwerk zeer beperkt zijn. Gemiddelde situatie een huishouden met 1 of 2 volwassenen zonder thuiswonende kinderen; wonend in een zelfstandige huisvestingssituatie, gelijkvloers of met een trap; er is sprake van zelfredzaamheid van de cliënt ten aanzien van het dagelijks op orde kunnen houden van de woning (bijvoorbeeld aanrecht kunnen afnemen, algemeen opruimen); de mogelijkheden van de cliënt om zelf bij te dragen aan de activiteiten die moeten worden uitgevoerd om te komen tot het te behalen resultaat zijn zeer beperkt; ondersteuning vanuit mantelzorgers, netwerk en vrijwilligers bij activiteiten die moeten worden uitgevoerd om te komen tot het te behalen resultaat is zeer beperkt; er zijn geen beperkingen of belemmeringen aan de orde bij de cliënt die maken dat de woning extra vervuilt of dat de woning extra schoon moet zijn; In de praktijk kunnen er verzwarende of verlichtende omstandigheden zijn die maken dat er minder dan wel meer inzet door de professional noodzakelijk is: Verlichtende omstandigheden Er kan sprake zijn van ‘verlichtende’ omstandigheden waarbij de inzet van die 105 uur door een professional niet volledig nodig is. Bijvoorbeeld in situaties waarbij een inwoner zelf nog een deel van de taken kan uitvoeren of waarbij de inwoner wordt ondersteund door iemand uit zijn netwerk/ mantelzorger. De toekenning blijft in deze situaties wel hetzelfde: een gemiddeld arrangement. Het sociaal wijkteam brengt met de inwoner de taken en frequenties in beeld, en daarbij ook welke taken de inwoner zelf oppakt danwel door het netwerk kunnen worden gedaan. De zorgaanbieder hoeft voor deze onderdelen minder ondersteuning door de professional in te zetten om samen tot een schoon en leefbaar huis te komen. Verzwarende omstandigheden Er kunnen bij een inwoner ook ‘verzwarende’ omstandigheden zijn; die maken dat de inzet van die 105 uur per jaar door een professional niet voldoende is om te komen tot een schoon en leefbaar huis. We onderscheiden hierbij twee soorten verzwarende omstandigheden: verzwarende omstandigheden die leiden tot meer inzet binnen het gemiddelde arrangement Hierbij is er nog geen aanleiding om een hoger arrangement toe te kennen. Hiervan kan bijvoorbeeld sprake zijn bij de grootte/ type van de woning, de gezinssamenstelling, de inrichting van de woning, het doen van de was. Hiervoor zal in sommige situaties iets meer tijd nodig zijn dan de gemiddelde norm van 105 uur per jaar. De zorgaanbieder kan dit nog wel uitvoeren binnen een toekenning van een gemiddeld arrangement; de zorgaanbieder kan namelijk middelen, omdat er ook situaties zijn met deze toekenning waarbij minder dan 105 uur inzet door een professional nodig is. verzwarende omstandigheden die leiden tot een plus arrangement of een plusplus arrangement Er kunnen beperkingen of belemmeringen voorkomen bij een cliënt die gevolgen hebben voor de benodigde inzet van ondersteuning om de beoogde resultaten te behalen. De problematiek als zodanig is niet leidend, het gaat om wat deze voor gevolgen heeft ten aanzien van de inzet van ondersteuning. Het kan nodig zijn meer of intensiever schoon te maken of te wassen doordat meer vervuiling optreedt. Of dat het nodig is dat de woning extra goed/vaak schoongemaakt moet worden. We denken dan aan de volgende verzwarende omstandigheden: beperkingen of belemmeringen als COPD, bedlegerigheid, incontinentie kunnen maken dat er vaker schoongemaakt moet worden dan in een gemiddelde situatie. lichamelijke beperkingen of belemmeringen kunnen er toe leiden dat er meer schoongemaakt moet worden dan genoemd in de gemiddelde situatie Wanneer een inwoner geen regie meer kan voeren over het huishouden en ook (waarschijnlijk) nooit meer zal kunnen voeren, kan de maatwerkvoorziening de regie overnemen. In praktijk houdt dit in dat er schoonmaakwerkzaamheden worden verricht zoals omschreven onder de maatstaf mét daarbij ook de regievoering en/of organiseren van het huishouden. In deze situatie gaat het om hulp bij de praktische organisatie van het huishouden. Concreet betekent dit dat hulp noodzakelijk is bij bijv. het (samen) schrijven van het boodschappen briefje, omdat een inwoner niet kan overzien wat er ingekocht moet worden. Daarnaast bijvoorbeeld het aanvragen van maaltijden bij de maaltijdvoorziening en het scheiden van voedingsmiddelen in verband met de maximale houdbaarheidsdatum. Daarbij geldt voor de hulp een extra verantwoordelijkheid bij het signaleren van ongewenste situaties of toenemende kwetsbaarheid bij inwoner. Activiteiten en frequenties behorende bij de gemiddelde situatie Tijdens het gesprek tussen inwoner en SWT worden de volgende doelen binnen het resultaatgebied “huishouden” meegenomen om de specifieke ondersteuningsbehoefte in beeld te krijgen: De (primaire) leefruimtes die dagelijks worden gebruikt zijn schoon en leefbaar. De inwoner beschikt over goederen voor primaire levensbehoeften. De inwoner moet kunnen beschikken over schone en draagbare kleding. a. De (primaire) leefruimtes die dagelijks worden gebruikt zijn schoon en leefbaar. De primaire leefruimtes die dagelijks worden gebruikt zijn schoon en leefbaar; hieraan draagt de maatwerkvoorziening bij. Het betekent dat men gebruik moet kunnen maken van een schone woonkamer, in gebruik zijnde slaapvertrek ( incl schoon bed), keuken, sanitaire ruimtes gang/trap. Werkzaamheden zoals het schoonmaken van een zolder, kelder en/of garage, het verzorgen van dieren of werkzaamheden die buiten de woning plaatsvinden vallen niet onder de ondersteuningsplicht van de gemeente, hier moet de inwoner zelf aanvullende actie op ondernemen. In de gemiddelde situatie hanteren we onderstaande tabel waarin de benodigde activiteiten staan benoemd, inclusief vertrekken en frequenties: Activiteiten bij gemiddelde situatie Woonkamer Slaapkamer Keuken Sanitair Hal/ overloop 1x per week Stof afnemen midden & laag, opruimen, stofzuigen Stof afnemen midden & laag, opruimen en stofzuigen Stofzuigen, dweilen, keukenblok, keukenapparatuur schoonmaken, afval opruimen, afwassen Badkamer en toilet schoonmaken incl stofzuigen en dweilen Stof afnemen midden, laag en hoog, stofzuigen 1x per 2 weken Stof afnemen, hoog, dweilen Bed verschonen of opmaken Dweilen 1x per 4 weken Dweilen Trap stofzuigen binnenshuis 1x per 6 weken tot 1x per 8 weken Deur (post)en nat afdoen, zitmeubels Stof afnemen hoog Bovenkast keukenkastjes, deur (post) en nat afdoen Deur (post)en nat afdoen Incidenteel (1x tot 4x per jaar) Ramen binnenzijde wassen, radiatoren, raambekleding Ramen binnenzijde wassen, radiatoren, raambekleding, deur(post)en nat afdoen, matras draaien Ramen binnenzijde wassen, radiatoren, raambekleding, oven/magnetron, koelkast & keukenkastjes binnenzijde, afzuigkap, losse tegelwand en vriezer schoonmaken Ramen binnenzijde wassen, radiatoren, raambekleding, tegelwand badkamer schoonmaken Deur(post)en nat afdoen, radiatoren Extra schoonmaak (EHS) vier uur per jaar Iedere inwoner (ZIN) bij wie in het ondersteuningsplan het resultaatgebied Huishouden is opgenomen; krijgt tweemaal per jaar een extra schoonmaak van 2 uur per keer (of samengevoegd tot eenmaal 4 uur extra). Inwoners met een beschikking met een duur van minimaal zes maanden, kunnen bij hun hulp deze ‘EHS’ aanvragen. De extra schoonmaak is bedoeld voor taken naast de taken genoemd in de tabel. Bijvoorbeeld voor taken of klussen die doorgaans wat minder aandacht krijgen, zoals het schoonmaken van de binnenzijde van de keukenkastjes, koelkast, oven, afzuigkap. Of voor het afnemen van plinten en deuren, of een keer extra de ramen lappen. Ook kan dit gebruikt worden voor de ruimten in huis die minder intensief gebruikt worden; zoals hobbykamer, extra logeer- of slaapkamer. Een woning blijft op den duur niet hygiënisch verantwoord schoon en bruikbaar als dit niet incidenteel gebeurt. b. De inwoner beschikt over goederen voor primaire levensbehoeften. Een inwoner moet kunnen beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften en maaltijden. Het gaat erom dat de inwoner beschikt over noodzakelijke boodschappen; en een warme maaltijd kan verzorgen. Dit resultaat dient meegenomen te worden in het gesprek; waarbij binnen de oplossingen in eigenlijk alle gevallen in Zwolle kan worden volstaan met inzet van de gebruikelijke zorg danwel inzet van een mantelzorger/ vrijwilligersondersteuning / gebruik van voorliggende voorzieningen. Deze laatste zijn stadsbreed beschikbaar, zoals bijvoorbeeld inzet van een maaltijdservice. Het is verder algemeen gebruikelijk dat gebruik wordt gemaakt van de boodschappendiensten van supermarkten. In praktijk betekent dit dus dat dit resultaat niet onder de maatwerkvoorziening door de zorgaanbieder hoeft te worden gedaan. Het klaarzetten, toezien op en toedienen van de maaltijd valt niet binnen het resultaatgebied ‘huishouden’, maar binnen resultaatgebied ‘zelfzorg en gezondheid’. Hierbinnen worden afspraken gemaakt, we gaan daarbij uit van een praktische invalshoek; eerst kijken naar praktische oplossingen voordat extra professionele hulp wordt ingezet; kijken of huisgenoten of iemand van het sociaal netwerk of een vrijwilliger dit kan doen. Dit kan ook een verzorgende zijn die op bepaalde momenten bij inwoner thuis al aanwezig is. Zo wordt voorkomen dat er onnodig veel hulpverleners bij de cliënt komen. c. De inwoner moet kunnen beschikken over schone en draagbare kleding. Uit onderzoek blijkt dat bij de wasverzorging inwoners vaak nog lichtere activiteiten zelf kunnen oppakken en dat het sociaal netwerk veelal bereid is te helpen bij de was. Daarnaast zijn er diverse voorliggende voorzieningen in Zwolle beschikbaar (was- en strijkservice ). Inzet via een voorliggende voorziening is afhankelijk van de situatie van de inwoner en het aanbod in de wijk of van de zorgaanbieder. Dit betekent in praktijk dat wanneer er geen gebruik kan worden gemaakt van inzet van de voorliggende voorziening of wanneer deze niet geschikt is voor de inwoner, dat wassen en strijken in die situatie wél onderdeel uitmaakt van de maatwerkvoorziening Thuisondersteuning – binnen het resultaatgebied Huishouden. We gaan ervan uit dat dit om incidentele gevallen gaat; daarom zal dit in die gevallen toegevoegd worden aan de activiteiten bij een gemiddelde situatie : max 1 x per week het wassen en drogen van kleding en max 1 x per twee weken alleen bovenkleding waar nodig gestreken. Wassen, drogen, opbergen 1x per week Strijken bovenkleding 1x per twee weken Er kunnen verzwarende omstandigheden zijn waardoor deze frequentie niet voldoet; (bijvoorbeeld als sprake is van besmet wasgoed bij chemokuur, incontinentie, of andere medische aandoeningen waardoor er vaker gewassen moet worden) dan is er wel aanleiding om het arrangement te verhogen naar intensiteit plus.

Rechtspraak bij dit artikel