Aan deze mandatering zijn de volgende voorwaarden verbonden:
- - Ondermandaat van de bevoegdheden in artikel 1, leden 1 tot en met 12 is toegestaan, ondermandaat van de bevoegdheid genoemd in artikel 1, lid 13 is niet toegestaan.
- - Het mandaat onder artikel 1 lid 9 wordt uitgeoefend met betrekking tot de inning van de gevorderde rechten en met inachtneming van het bepaalde in ”de instructie heffing en inning rechten standplaatsen woonwagens” van 19 december 2007.
- - Uitgesloten van het mandaat is het vervaardigen van een aanmaning bij betalingsachterstand en het verdere proces van dwanginvordering.