Naar hoofdinhoud
De Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) geeft de overheid een instrument in handen om zich tegen het risico van aantasting van de integriteit te beschermen. Als er een ernstig gevaar dreigt dat bijvoorbeeld een vergunning wordt misbruikt, kan het bevoegde bestuursorgaan de aanvraag weigeren of de afgegeven vergunning intrekken. Om de mate van gevaar te bepalen, voert het bestuursorgaan een eigen onderzoek uit. Ook kan het bestuursorgaan een advies aanvragen bij het Landelijk Bureau Bibob. Zo wordt voorkomen dat de overheid criminele activiteiten faciliteert en wordt de concurrentiepositie van bonafide ondernemers beschermd. De Wet Bibob en het daarbij behorende Besluit Bibob zijn van toepassing op diverse gemeentelijke vergunningen en ontheffingen, regelingen en transacties, waaronder: Drank- en Horecavergunningen; Exploitatievergunningen voor openbare inrichtingen; Omgevingsvergunningen voor bouwactiviteiten; Omgevingsvergunningen milieu en beperkte milieutoets; Subsidies; Aanbestedingen in de sectoren bouw, milieu en ICT; Vastgoedtransacties. Bestuursorganen zijn zelf verantwoordelijk voor een goede toepassing van de Wet Bibob. Daarom worden er voor de verschillende toepassingscategorieën van de wet beleidsregels vastgesteld. In de beleidsregels staat aangegeven binnen welke branches de wet wordt toegepast en in welke gevallen het bestuursorgaan een Bibob-advies aanvraagt bij het Bureau Bibob. Een helder Bibob-beleid voorkomt willekeur, biedt duidelijkheid voor de burger en is inzichtelijk voor de betrokkenen. Bovendien kan een Bibob-beleidslijn preventief werken. Deze beleidsregel ziet op toepassing van de Wet Bibob op omgevingsvergunningen voor milieuactiviteiten, als bedoeld in de volgende bepalingen: artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover dat onderdeel betrekking heeft op een inrichting als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid van die wet (hierna: omgevingsvergunning milieu); artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder i van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: omgevingsvergunning beperkte milieutoets). De beleidsregel is van toepassing op zowel de oprichtingsvergunning als een revisie- of wijzigingsvergunning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel