Bij het toepassen van de last onder bestuursdwang wordt gekozen voor het sluiten van een voor publiek openstaand gebouw of een bij dat gebouw behorend erf of voor het publiek openstaande gebouwen en/of daarbij behorende erven in een bepaald gebied. Het doel hiervan is onder meer het herstellen van de openbare orde, veiligheid, gezondheid of zedelijkheid.
Doel van de sluiting is, naast het wegnemen van het gevaar voor de openbare orde, om de bekendheid van dat pand als geschikte locatie voor criminele activiteiten (en het faciliteren daarvan) te beëindigen. De (naams)bekendheid dat een pand zich voor dergelijke activiteiten leent moet worden doorbroken. De activiteiten moeten dan ook niet door een rechtsopvolger kunnen worden voortgezet. Door middel van een sluiting kan dit worden bereikt.
Wanneer feitelijk tot sluiting wordt overgegaan, wordt de woning of het lokaal en het daarbij behorende erf voor eenieder ontoegankelijk gemaakt. Dit betekent dat voor de duur van de sluiting niemand gebruik kan maken van het pand.
Een wijziging in de huur- en/of eigendomssituatie wordt als niet ter zake doende beschouwd indien deze wordt aangebracht nadat het voornemen tot toepassen van een last onder bestuursdwang is uitgegaan. Het is op dat moment namelijk nog steeds noodzakelijk om de loop naar een dergelijk pand weg te nemen.
Artikel 6.