Bij de procedure tot sluiting van een voor publiek openstaand gebouw of een bij dat gebouw behorend erf of voor het publiek openstaande gebouwen en/of daarbij behorende erven in een bepaald gebied op grond van artikel 2:49a van de Algemene Plaatselijke Verordening worden de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht in acht genomen. Dit betekent dat voordat wordt overgegaan tot het sluiten van een voor publiek openstaand gebouw of een bij dat gebouw behorend erf belanghebbenden de mogelijkheid wordt geboden een zienswijze in te dienen op het voorgenomen besluit, tenzij de spoedeisendheid zich hiertegen verzet.
Artikel 7.