10.1 Cultuureducatie, ‘Cultuur voor ieder kind’
Beoogde) effecten
• Alle leerlingen in het primair voortgezet (speciaal) onderwijs komen in aanraking met cultuur, zowel actief als receptief en reflectief.
• Cultuureducatie biedt leerlingen de kans om hun creatief talent te ontdekken en te ontwikkelen. Cultuureducatie kan worden vormgegeven als een apart vak. Het kan ook volledig worden geïntegreerd in het curriculum van de school: dan is er sprake van cultuuronderwijs.
Aanvullende eisen aan de aanvrager
Voor deze subsidie komen uitsluitend in aanmerking:
• Schoolbesturen PO en schoolbesturen VO, zoals beschreven in artikel 3.
• Schoolbesturen speciaal onderwijs en schoolbesturen voortgezet speciaal onderwijs voor zover de aanvraag wordt gedaan voor activiteiten die een school of onderwijsinstelling binnen de grenzen van de gemeente Utrecht betreft.
• (Brede) Scholen die gezamenlijk met andere (brede) scholen vorm willen geven aan hun beleid op het gebied van cultuureducatie, kunnen een gezamenlijke aanvraag indienen. Deze aanvraag bestaat uit het formulier en een bijlage waarin het gezamenlijke karakter van de aanvraag wordt onderbouwd;
• Indien er een subsidie wordt ontvangen van het Rijk (of andere overheid) voor cultuureducatie, dient de gemeentelijke subsidie als aanvulling. U dient in uw aanvraag aan te geven welke activiteiten u financiert met de Rijkssubsidie en voor welke aanvullende activiteiten u de gemeentelijke subsidie aanvraagt.
Subsidiabele activiteiten
Deze subsidie kan worden aangevraagd voor activiteiten die bijdragen aan het realiseren van de beoogde effecten. Het gaat hierbij om:
1. Activiteiten: het ontplooien van activiteiten die bijdragen aan het cultuuronderwijs of aan cultuureducatie op de school voor de looptijd van één kalenderjaar;
Met daarbinnen de mogelijkheid om 15% van de subsidie in te zetten ten behoeve van:
1.1 Innovatie: om voor de school in kwestie vernieuwende projecten/activiteiten/werkwijzen uit te proberen/uit te voeren op het gebied van cultuureducatie;
1.2 Expertise: om van kennis en/of deskundigheid op te bouwen op het gebied van cultuureducatie
De huisvestingskosten zijn niet subsidiabel. Materialen zijn alleen subsidiabel als cultuureducatie het hoofddoel is.
Aanvullende subsidiecriteria cultuureducatie
Uit de aanvraag en de begroting dient te blijken:
• Hoe het cultuureducatieprogramma op de school opgebouwd is in relatie tot de visie van de school op cultuureducatie en de meerjaren visie van de school in het algemeen
• Hoe de school voort bouwt op voorgaande jaren danwel een nieuwe weg in slaat
• Hoe het programma er gaat zien (welke activiteiten op hoofdlijn)
• Hoe dit programma gekoppeld is aan de begroting en hoe de samenhang is met eventueel andere gebruikte subsidieregelingen t.b.v. cultuureducatie
10.2 Onderwijsimpuls voor kwaliteit en ontwikkeling
Beoogd effect
Scholen en schoolbesturen in het funderend onderwijs kunnen met een eenmalige subsidie een professionele lerende cultuur op school stimuleren en onderwijsontwikkeling versnellen, gericht op de leeftijdsgroep 10-18 jaar.
Aanvullende eisen aan de aanvrager
Subsidie kan worden aangevraagd door Utrechtse besturen voor primair onderwijs, voortgezet onderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs als:
• initiatiefnemer;
• penvoerder voor een initiatief van één of meerdere scholen van uw schoolbestuur;
• penvoerder voor samenwerking met derden;
• penvoerder voor samenwerking tussen schoolbesturen of scholen van verschillende schoolbesturen.
Subsidiabele activiteiten
Activiteiten richten zich op tenminste twee van de onderstaande thema’s.
• Toekomstgericht onderwijs
Initiatieven die bijdragen aan onderwijs voor de toekomst. Denk bijvoorbeeld aan het leren werken met nieuwe technologische ontwikkelingen en experimenten om het onderwijs anders te organiseren.
• Professionalisering
Initiatieven die ruimte geven aan docenten voor reflectie, teamontwikkeling, collegiale consultatie, kennisdeling, om samen te werken aan geïnspireerde onderwijsteams.
• Differentiatie
Werkwijzen ontwikkelen die de leerbehoeften en capaciteiten van leerlingen en van onderwijsprofessionals aanspreken.
Kosten voor lesmaterialen en ICT komen in principe niet in aanmerking voor subsidie.
De activiteiten hebben een heldere startdatum en looptijd.
De looptijd van de subsidie is maximaal 18 maanden.
Het subsidiebedrag onderwijsimpuls is maximaal € 150.000 per aanvraag. Een school mag deelnemen aan meerdere aanvragen. Het subsidiebedrag onderwijsimpuls per school is maximaal € 100.000 per twaalf maanden.
Aanvullende criteria bij de beoordeling
Naast de criteria in artikel 7 gelden aanvullend de volgende criteria:
• de impuls aan de kwaliteit van het onderwijs voor de leeftijdsgroep 10-18 jaar.
• De eigen inzet of cofinanciering (in geld of in uren of anderszins)
• de verhouding van het subsidiebedrag tot het aantal leerlingen dat ermee wordt bereikt
• De borging van de voortzetting van de inzet na afloop van de subsidieperiode
• De borging van kennis en ervaring (duurzaamheid).
• de kennisdeling over het project met andere Utrechtse scholen.
Als er meer aanvragen zijn dan het budget toelaat, worden de volgende kwalitatieve criteria gebruikt voor het onderling wegen en prioriteren van de aanvragen.
• De inzet draagt bij aan de doelstellingen van de Utrechtse Onderwijs Agenda.
• De inzet draagt bij aan gelijke kansen in het onderwijs
• De inzet vindt plaats in samenwerking tussen twee of meer Utrechtse scholen
• De inzet komt rechtstreeks ten goede aan leerlingen en/ of docenten.
• De inzet ondersteunt een met het Ministerie afgesproken verbetertraject.
• De inzet is innovatief.
Om aanvragen onderling te wegen en hierop te kunnen besluiten kan de gemeente zich laten adviseren door (externe) deskundigen.
Afwijkende indieningstermijn
De aanvragen kunnen worden ingediend in twee tijdvakken:
• Tot 1 oktober voor projecten die starten in de eerste helft van het volgend kalenderjaar.
• Tot 1 mei voor projecten die starten in de eerste helft van het volgende schooljaar.
Het beschikbare budget per kalenderjaar wordt verdeeld in twee delen voor de twee aanvraagperiodes, zodat ook inzet met ingang van het schooljaar mogelijk is.
Hoofdstuk 3
Artikel 10
Cultuureducatie en onderwijsimpuls
Onderdeel van BELEIDSREGEL ONDERWIJS GEMEENTE UTRECHT 2020 Goed onderwijs voor de Utrechtse jeugd