Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2.

Artikel 10

De hoogte en duur van de maatregel

Onderdeel van Afstemmings- en handhavingsverordening IOAW en IOAZ gemeente Zundert

1.. Onverminderd artikel 2 lid 2 van deze verordening, wordt de maatregel vastgesteld op: tien procent van de uitkeringsnorm, uitgedrukt in een bedrag, gedurende een maand bij gedragingen van de eerste categorie; twintig procent van de uitkeringsnorm, uitgedrukt in een bedrag, gedurende een maand bij gedragingen van de tweede categorie; veertig procent van de uitkeringsnorm, uitgedrukt in een bedrag, gedurende een maand bij gedragingen van de derde categorie; honderd procent van de uitkeringsnorm, uitgedrukt in een bedrag, gedurende een maand bij gedragingen van de vierde categorie. 2.. De hoogte van de maatregel als bedoeld in lid 1 sub a, b en c wordt verdubbeld, als de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging van dezelfde of hogere categorie. 3.. Als door toepassing van het bepaalde in lid 1sub a, b, c of d een maatregel van honderd procent, uitgedrukt in een bedrag, is opgelegd, wordt de duur van de maatregel steeds met één maand verhoogd, als de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een zodanige maatregel is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging van dezelfde of hogere categorie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel