Beheersing van de risico’s is de basis voor prioritering van het toezicht.
In beginsel moet de gemeente alle (wettelijke) taken op het gebied van toezicht en handhaving uitvoeren. Maar dat is niet mogelijk, omdat er nooit voldoende middelen zijn om alle taken 100% uit te voeren. Daarom moeten er keuzes worden gemaakt. Bij de keuzes die we maken en de prioriteiten die we stellen, staat de inschatting van de negatieve effecten ofwel risico’s voor de leefomgeving centraal.
De gemeente bepaalt haar toezichts- en handhavingsprioriteiten daarom in belangrijke mate op de inschatting van 2 factoren:
de negatieve effecten die (kunnen) optreden bij niet naleving.
het naleefgedrag
Effectonderwerpen zijn:
Fysieke veiligheid mensen: risico’s die direct leven bedreigen of tot lichamelijk letsel kunnen leiden zoals brand, instorting en ontploffingsgevaar
Fysieke veiligheid gebouwen; risico’s voor schade aan gebouwen, zoals instortingsgevaar (constructie) en ontploffingsgevaar
(Volks-)gezondheid: risico’s die leiden tot aantasting van de gezondheid van mensen op de middellange en lange termijn zoals emissie van ongezonde stoffen, slechte ventilatie
Kwaliteit leefomgeving: risico’s die de kwaliteit van de leefomgeving aantasten: ruimtelijke kwaliteit, welstand, natuurschoon
Cultuurhistorie: bijzondere categorie risico’s die o.a het beschermde Dorpsgezicht Mijnkoloniën betreffen
Kwaliteit sociale leefomgeving: risico’s die de kwaliteit van de leefomgeving aantasten en met name ook het veiligheidsgevoel, zoals verloedering
Natuur/milieu: risico’s die het milieu en de natuur in het bijzonder kunnen aantasten door verontreiniging van bodem, lucht, water
Duurzaamheid: risico’s van verspilling van energie en grondstoffen
Financieel-economische schade: risico’s die leiden tot aantasting van de economische bedrijvigheid en/of direct leiden tot extra kosten of minder inkomsten voor de gemeente
Imago: risico’s die ondermijnend zijn voor de rechtszekerheid, voor schade aan het bestuurlijk imago, en waarbij sprake is van politiek-bestuurlijk afbreukrisico.
Per effect wordt bepaald hoe hoog het risico is, van geen effect oplopend tot groot effect.
Kans van niet naleven
Voor wat betreft het naleefgedrag wordt een indeling gebruikt van de kans van niet-naleving, van klein tot groot.
De medewerkers van het team toezicht en handhaving -toezichthouders bouwen, milieu, Boa’s en toezichthouders openbare ruimte- hebben voor hun domein de risicoanalyse uitgevoerd. Er is een onderverdeling gemaakt naar hoog, middel en laag risico. Voor de drie domeinen geeft dat het volgende -globale- beeld.
Risico’s bouwen en ruimte
Omgevingsvergunning activiteit bouwen
HOOG
Illegaal bouwen
HOOG
Illegaalslopenmetasbest
HOOG
Omgevingsvergunning/meldingactiviteitslopenmetasbest
HOOG
Projectmatigslopen, metasbest
HOOG
Vergunning vrij bouwen
MIDDEL
Omgevingsvergunning/melding activiteitslopen(zonder asbest)
MIDDEL
Bouwen of gebruik grond/gebouw in strijd met bestemmingsplan, verleende vrijstelling of ontheffing
MIDDEL
Omgevingsvergunning aspect rijksmonumenten
MIDDEL
Gebruik gronden of bouwen in strijd met bestemmingsplan of welstandseisen BSDG
MIDDEL
Omgevingsvergunning welstandseisen
MIDDEL
Illegaal slopen zonder asbest
LAAG
Aanleggen van werken zonder aanlegvergunning
LAAG
Vergunning activiteit aanleg
LAAG
Omgevingsvergunning archeologische aspecten of aspecten flora en fauna (ontbreken of afwijken van ontheffing)
LAAG
Verloedering open erven en terreinen
LAAG
Er is nog een diepgaander analyse gemaakt op de technische aspecten van het Bouwbesluit 2012
Hoog scoren achtereenvolgens constructieve veiligheid, brandveiligheid, geluid, ventilatie en duurzaamheid.
Risico’s Milieu
We maken onderscheid in inrichting gebonden taken en niet-inrichting gebonden taken
Inrichting gebonden taken
De risicoanalyse leidt tot een indeling van bedrijven in 7 milieucategorieën en subcategorieën. Categorie 1 heeft de kleinste risico’s, categorie 4 de grootste. De categorie bepaalt de frequentie waarmee een bedrijf wordt gecontroleerd: hoe hoger het risico, des te hoger de controlefrequentie.
Dat geeft het volgende beeld:
Categorie 1, deze hebben een controle frequentie van 1 x 10 jaar.
Categorie 2, deze hebben een controle frequentie van 1 x 5 jaar.
Categorie 2 licht, controle frequentie 1 x 6 jaar.
Categorie 2 zwaar, controle frequentie 1 x 4 jaar.
Categorie 3, controle frequentie 1 x 2 jaar.
Categorie 3 licht, controle frequentie 1 x 3 jaar.
Categorie 4, controle frequentie 1 x 1 jaar.
Het bedrijvenbestand is een dynamisch bestand, inrichtingen veranderen van activiteiten of sluiten. Daarnaast starten er met regelmaat nieuwe bedrijven. De categorie wordt bij de eerste controle bepaald.
Niet inrichting-gebonden milieutaken
Saneringsgevallen Wet bodembescherming
HOOG
Toepassen grond Besluit bodemkwaliteit
HOOG
Dumping gevaarlijk afval Wbb
HOOG
Toepassen bouwstoffen Besluit bodemkwaliteit
MIDDEL
Indirecte lozingen buiten inrichtingen
MIDDEL
Lozingen afvalwater op de bodem buiten inrichtingen Wbb
MIDDEL
Meststoffen buiten inrichtingen
LAAG
Risico’s Openbare ruimte
Foutparkeren.
HOOG
Dumpen afval/illegale stort Afvalstoffenverordening;
HOOG
Plakken en kladden (waaronder graffiti), loslopende honden, verontreiniging door honden, gevaarlijke honden, houden van hinderlijke of schadelijke dieren
HOOG
Omvang, inrichting en openstelling terrassen
HOOG
Parkeerexcessen: parkeren van defecte voertuigen, autowrakken, reclamevoertuigen, grote voertuigen, of uitzicht belemmerende voertuigen, op de weg; aantasting groenvoorziening door voertuigen
HOOG
Rookverbod in bossen en natuurterreinen. Verbod vuur te stoken
HOOG
Plaatsen van voorwerpen op of aan de weg o.a. plaatsen container en infoborden aan de invalswegen
MIDDEL
Evenementenvergunning
MIDDEL
Afsteken vuurwerk
MIDDEL
Crossen buiten aangewezen gebieden, rijden met een motorvoertuig, bromfiets, fiets in natuurgebied/park plantsoen.
LAAG
Vergunning aanleggen, beschadigen of veranderen van een weg
Toezicht opritvergunning
LAAG
Evenementen (openbare orde)
LAAG
Geluidhinder collectieve en incidentele festiviteiten
LAAG
Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen ed., eisen handelsreclame
LAAG
Kamperen buiten kampeerterreinen
LAAG
Toezicht kapvergunning, illegaal kappen
LAAG
Vergelijken we de uitkomsten van deze analyse met die uit 2013 dan zien we dat de uitkomsten nagenoeg gelijk zijn.
Hoofdstuk › Paragraaf 5.
Artikel 5.2