Naar hoofdinhoud
Bij de toedeling van de beschikbare toezichtcapaciteit aan de verschillende taakonderdelen in het uitvoeringsprogramma zijn de uitkomsten van de risicoanalyse leidend. Hoe groter het risico des te hoger wordt de activiteit geprioriteerd en des te meer (frequent) en diepgaander is het toezicht. Bij handhavingstaken met de prioriteit groot wordt proactief en volledig dan wel selectief toezicht gehouden: Bij handhavingstaken met de prioriteit gemiddeld wordt projectmatig toezicht gehouden. Bij handhavingstaken met de prioriteit laag wordt reactief toezicht gehouden. In hoofdstuk 6 wordt verder ingegaan op de diverse vormen van toezicht en handhaving. Andere factoren voor prioritering Behalve de uitkomsten van de risicoanalyse spelen ook andere factoren een rol bij de uiteindelijke prioritering. Meldingen en klachten van burgers. Bij het uitvoeren van de risicoanalyse openbare ruimte is al rekening gehouden met de cijfers uit het lokale klachtenmeldpunt. Daarenboven worden in het kader van het adagium “Burger centraal” meldingen en klachten tijdig en adequaat afgehandeld. Bestuurlijke/politieke prioriteiten. Vanuit gemeentelijke, provinciale of landelijke politiek worden speerpunten benoemd, veelal ingegeven door de actualiteit. Nieuw beleid. Nieuw beleid kan leiden tot het opnemen van een handhavingsopgave in het uitvoeringsprogramma terwijl dit op basis van alleen de risicoanalyse wellicht niet het geval zou zijn. Beschikbare of beschikbaar te stellen capaciteit: de daadwerkelijk in te zetten personele capaciteit moet zijn afgestemd op de prioritering. Indien de formatie-omvang wijzigt, zal dit leiden tot een herprioritering.

Rechtspraak bij dit artikel