Wachtlijst
Indien de dichtstbijzijnde school niet toegankelijk is voor een leerling omdat er een wachtlijst bestaat, dient bekostiging plaats te vinden naar de eerstvolgende dichtstbijzijnde toegankelijke school. De aanspraak op vervoer naar deze verder weg gelegen school blijft bestaan, zolang er een wachtlijst is voor de dichtstbijzijnde school.
Beleidsregel
Bij de nieuwe aanvraag is het aan de ouders om aan te tonen dat de wachtlijst nog bestaat. In de toekenningbeschikking wordt opgenomen dat bekostiging van het leerlingenvervoer naar de verder weggelegen school wordt verstrekt tot het moment dat de wachtlijst is opgelost. Indien de wachtlijst is opgelost wordt de bekostiging beperkt tot aan de dichtstbijzijnde school. Wanneer tussentijdse overplaatsing naar een dichterbij gelegen school aantoonbaar nadelige gevolgen heeft voor de leerling, zal er maatwerk worden toegepast.
Hulpklas bij basisschool
Wanneer een leerling behoefte heeft aan extra ondersteuning kan dit in een hulpklas op het regulier basisonderwijs worden geboden. Deze vorm van onderwijs wordt nog niet op alle basisscholen aangeboden.
Beleidsregel
Wanneer vaststaat dat een leerling is aangewezen op een voltijds hulpklas, dient deze basisschool aangemerkt te worden als de dichtstbijzijnde toegankelijke school. Vervoer naar deze basisschool met hulpklas dient bekostigd te worden, mits aan het afstandscriterium wordt voldaan.
Schakelklas en Internationaal voortgezet onderwijs (ISK)
Kinderen van statushouders en vergunninghouders met een taalachterstand kunnen een jaar lang intensief taalonderwijs krijgen door middel van de zogenaamde schakelklassen. Dit taalonderwijs wordt zowel op het basis- als het voorgezet onderwijs (ISK) gegeven. In de uitvoering van de schakelklas regeling wordt onderscheid gemaakt tussen beide onderwijsvormen.
Beleidsregel
Wanneer vaststaat dat een leerling voor primair onderwijs aangewezen is op taalonderwijs bij een voltijds schakelklas, dient de school waarop het taalonderwijs wordt geboden aangemerkt te worden als de dichtstbijzijnde toegankelijke school voor deze leerling. Vervoer naar de schakelklas dient bekostigd te worden, mits aan het afstandscriterium wordt voldaan.
Hoogbegaafd onderwijs
De gemeente wordt regelmatig geconfronteerd met aanvragen tot bekostiging van het vervoer naar scholen die zich richten op hoogbegaafde kinderen, zoals Leonardoscholen.
Beleidsregel
Hoogbegaafde leerlingen kunnen met de juiste begeleiding en het juiste lesmateriaal op een reguliere, dichtbij gelegen school het voor hen passend onderwijs ontvangen. De ouders moeten aantonen dat hun kind in de dichtstbijzijnde school niet het onderwijs kan krijgen dat hij nodig heeft. In het algemeen is hoogbegaafdheid geen reden om naar vervoer te verstrekken naar een verder weg gelegen school voor primair onderwijs. Door de ouders aangeleverde specifieke informatie over de leerling kan voor de gemeente aanleiding zijn om de hardheidsclausule toe te passen. Voor informatie wordt contact opgenomen met een samenwerkingsverband. Het samenwerkingsverband weet welke scholen de beschikbare zogenaamde “verrijking, versnelling en verdiepingsmaterialen” in hun leerplan hebben opgenomen.
Dislocaties en nevenvestigingen
Wat te doen als een school bestaat uit meerdere vestigingen en/of locaties.
Beleidsregel
Er wordt bij dislocaties of nevenvestigingen niet afgeweken van de afstandscriteria in de verordening.
Wanneer een school meerdere locaties heeft, geldt als uitgangspunt dat de feitelijke locatie die door de leerling wordt bezocht als school kan worden beschouwd. Het vervoer tussen twee schoollocaties dient door school te worden verzorgd.
Verbouwing van de school
Wat te doen bij verbouwing van de school.
Beleidsregel
Wanneer leerlingen vanwege verbouwing op een andere locatie worden opgevangen, is het niet automatisch zo dat alle leerlingen naar die locatie vervoerd worden. Per leerling zal opnieuw beoordeeld worden of er nog aanspraak gedaan kan worden op bekostiging. Deze wijziging dient daarom doorgegeven te worden.
Wisselende schooltijden en afwijken van het schoolrooster
Nadere regel (artikel 17 lid 3).
In de praktijk komt het regelmatig voor dat leerlingen halverwege de schooldag de school verlaten. Dit bijvoorbeeld vanwege ziekte, een doktersbezoek o.i.d. Ook komt het voor dat scholen verzoeken om op afwijkende tijden aangepaste vervoer in te zetten i.v.m. schoolreisjes, sportdagen of omdat het de laatste schooldag voor een vakantie betreft.
Het vervoer bij wisselende of afwijkende schooltijden behoort niet tot de gemeentelijke taak, maar tot de verantwoordelijkheid van de ouders zelf. Ook voor uitvaluren aan het begin en het eind van de schooldag worden geen extra taxiritten ingezet. Het aangepaste vervoer wordt alleen georganiseerd op de vaste schooltijden, genoemd in de schoolgids van de school. Uitzonderingen worden gemaakt voor leerlingen die vanwege hun structurele beperking geen hele schooldag kunnen volbrengen, of voor wie de algemene schoolgids is aangepast in een individueel schoolplan.
Afwijkende schooltijden in het examenjaar
Tijdens het examenjaar kan het voorkomen dat de lestijden afwijken.
Nadere regel (artikel 17 lid 3).
De reguliere schooltijden volgens het schoolplan worden aangehouden. Indien het examen na 10:00 uur plaatsvindt, kan er ’s morgens, op aanvraag en in overleg, afgeweken worden van de reguliere schooltijden.
Indien het examen voor 10:00 uur plaatsvindt wordt de reguliere schooltijd aangehouden, tenzij de vervoerder aangeeft dat er aan de betreffende rit geen meerkosten verbonden zijn. Voor uitvaluren worden geen extra ritten ingezet. Van de leerling wordt verwacht dat hij/zij op school wacht tot het einde van de reguliere schooltijd.
Medische behandeling en zorg i.c.m. onderwijs Opdc
De gemeente wordt regelmatig geconfronteerd met aanvragen van ouders voor bekostiging van vervoer naar instellingen waar kinderen dagbehandelingen en/of zorg ontvangen, al dan niet in combinatie met onderwijs.
Beleidsregel
De gemeente bekostigt dit vervoer niet. Het leerlingenvervoer is alleen bedoelt voor het vervoer van en naar een school op de schooltijden die zijn aangegeven in de schoolgids. Dan gaat het dus om een onderwijsinstelling in de zin van de onderwijswetgeving. Zorginstellingen, medisch kinderdagverblijven en dergelijke worden hier niet toe gerekend. Volgt een kind ook onderwijs op, of nabij die locatie, dan kunnen de ouders een (gedeeltelijke) tegemoetkoming via de gemeente krijgen. Ook dan moet het gaan om onderwijs in de zin van onderwijswetgeving, dus moet de instelling die het onderwijs verzorgt een “school” zijn. Hierbij geldt dat gemeenten vervoeren in aansluiting op het begin en einde van de schooldag volgens de schoolgids (artikel 1, onderdeel g, van de verordening). Krijgen kinderen voor, tijdens of na schooltijd zorg of behandeling, dan zijn toch de schooltijden leidend voor het leerlingenvervoer.
Onderwijs/zorg locaties
Bij locaties waar zowel onderwijs als zorg wordt verstrekt kan alleen aanspraak op leerlingenvervoer ontstaan indien het onderwijs deel meer dan 50% van de tijd omvat. Ouders dienen dit aan te tonen door het overleggen van een onderwijsperspectiefplan (OPP) en de beschikking voor het zorgdeel.