Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.5

Uitbetaling Pgb

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Almelo 2019

De hoogte van een Pgb: bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate in de gemeente beschikbare maatwerkvoorziening in natura; wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het Pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering. Bij de vaststelling van de hoogte van het Pgb voor dienstverlening wordt onderscheid gemaakt tussen: professioneel aanbieder: Tot deze groep behoren personen die: werkzaam zijn bij een instelling die ten aanzien van de uit het Pgb te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staan en voldoen aan de voorwaarden zoals omschreven in artikel 5.1 lid 4, 5 en 6. Zulks met uitsluiting van personen met eerste of tweedegraads bloed- of aanverwant; aangemerkt zijn als zelfstandige zonder personeel die ten aanzien van de uit het Pgb te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staan en voldoen aan de voorwaarden zoals omschreven in artikel 5.1 lid 4, 5 en 6. Zulks met uitsluiting van personen met eerste of tweedegraads bloed- of aanverwant. Informele aanbieder: hulp die geboden wordt door een persoon uit het sociaal netwerk van cliënt en voldoen aan de voorwaarden zoals omschreven in artikel 5.1 lid 4 en 6. De hoogte van het Pgb wordt voor de professionele aanbieder bepaald op basis van 80% van het tarief voor de goedkoopst compenserende voorziening in natura door een daartoe opgeleide beroepskracht werkzaam bij een door de gemeente gecontracteerde instelling. De hoogte van het Pgb voor informele hulp is gelijk aan: het minimum uurloon, inclusief vakantiebijslag, zoals bedoeld in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag voor een persoon van 22 jaar of ouder met een 36-urige werkweek; of de maximale hoogte van de tegemoetkoming per kalendermaand voor een hulp uit het sociaal netwerk zoals opgenomen in artikel 2ab van de Uitvoeringsregeling Wmo 2015, tenzij de ondersteuning van de cliënt kan worden ingekocht met een lagere tegemoetkoming; of de tegemoetkoming per kalendermaand voor schoonmaakmiddelen, levensmiddelen, kleding of reiskosten zoals bedoeld in artikel 2ab van de Uitvoeringsregeling Wmo 2015. De tegemoetkoming wordt berekend aan de hand van de door het college vastgestelde vergoedingenlijst die waar mogelijk gebaseerd is op richtbedragen van het Nibud. Een Pgb dient door de cliënt binnen drie maanden na toekenning te worden aangewend ten behoeve van het resultaat waarvoor het is verstrekt, tenzij hier in de beschikking een andere termijn voor wordt vastgesteld. Het Pgb wordt uitbetaald op basis van declaratie van het aantal geleverde uren of dagdelen. Uitbetaling in de vorm van een maandloon is niet toegestaan, tenzij de voorziening als een maand- of jaarbudget wordt verstrekt. Het Pgb bevat geen vrij besteedbaar deel. Het college kan de Sociale verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken om betalingen uit het Pgb voor ten hoogste dertien weken geheel of gedeeltelijk op te schorten als het vermoeden bestaat dat de cliënt het Pgb in die periode anders ten onrechte kan inzetten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel