Naar hoofdinhoud

Artikel 8.2

Klachtregeling

Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Almelo 2019

Dit artikel regelt het gemeentelijke klachtrecht met betrekking tot de afhandeling van meldingen en aanvragen als bedoeld in deze verordening, dat wil zeggen de toegang tot de jeugdhulp in het vrijwillig kader. De gemeente is al op grond van de Awb in het algemeen verplicht tot een behoorlijke behandeling van mondelinge en schriftelijke klachten over gedragingen van personen en bestuursorganen, die onder haar verantwoordelijkheid werkzaam zijn. Gelet op het van toepassing zijnde hoofdstuk 9 van de Awb, waarin een uitvoerige regeling omtrent klachtbehandeling is gegeven, en ook het recht is neergelegd om na de afhandeling van de klacht de bevoegde ombudsman te verzoeken een onderzoek in te stellen, kan in deze verordening met een enkele bepaling worden volstaan. Daarnaast schrijft de wet in artikel 4.2.1. voor dat de aanbieder (en tevens de gecertificeerde instelling) een regeling treffen voor de behandeling van klachten over gedragingen van hen of van voor hen werkzame personen jegens een jeugdige, ouder of pleegouders in het kader van de verlening van jeugdhulp (dan wel in geval van de gecertificeerde instelling; de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering). In de regel zal op grond van de wet eerst de aanbieder worden aangesproken bij klachten over de wijze van behandeling. Pas wanneer dit klachtrecht niet bevredigend is, of niet logisch, bijvoorbeeld bij gedragingen van gemeenteambtenaren, komt de gemeentelijke klachtmogelijkheid in zicht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel