Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.2

Karakterisatie gebiedseigen bodemkwaliteit (P80)

Onderdeel van Nota bodembeheer

De bodemkwaliteitskaart is één van de bewijsmiddelen om partijen grond eenvoudig en betrouwbaar toe te kunnen passen. Dat betekent dat de informatie die op de kaart wordt aangegeven, ook een goed beeld moet geven van de werkelijkheid. In het generieke toetsingskader wordt gebruik gemaakt van het gemiddelde als waarde voor de beschrijving van de bodemkwaliteit. Vooral in gebieden met een heterogene bodemkwaliteit (zoals oude kernen) brengt het gebruik van het gemiddelde bij de vaststelling van de kwaliteit van de te ontgraven grond risico’s met zich mee. Dit risico bestaat uit het vrijkomen en toepassen van grond met een slechtere bodemkwaliteit dan staat aangegeven in de bodemkwaliteitskaart. Om dit risico te beperken, is gebruik gemaakt van de ruimte in het Besluit om de bodemkwaliteit vast te stellen op basis van een P80 beoordeling. De P80 is een waarde waarvoor geldt dat 80% van de beschikbare meetwaarden een waarde heeft die kleiner of gelijk is aan deze waarde. Het gebruik van de P80 waarde, in plaats van het generieke gemiddelde, bij de beschrijving van de bodemkwaliteit heeft als voornaamste effect dat de bodemkwaliteitskaart in een groter aantal gevallen een sluitend inzicht geeft in de milieuhygiënische kwaliteit van de vrijkomende grond.

Rechtspraak bij dit artikel