Vervangingsinvesteringen: Investeringen ter vervanging van reeds aanwezige activa. Deze activa zijn reeds in de begroting opgenomen. Jaarlijks wordt hiervan een opgaaf gedaan in de begroting.
Investeringen nieuw beleid: Investeringen die nog niet eerder zijn gedaan of die nog niet in de begroting zijn verwerkt.
Activeringswaarde: De aanschafwaarde minus de restwaarde; het bedrag dat we afschrijven.
Boekwaarde: Het bedrag dat wordt berekend uit de som van de aanschafwaarde minus het reeds afgeschreven bedrag.
Restwaarde: De vermoedelijke opbrengst bij verkoop van een afgeschreven actief.
Duurzaam middel: Middelen ( goederen) die voor een langere tijd meegaan (langer dan een jaar).
Klein onderhoud: Onderhoudsactiviteiten die jaarlijks terugkeren, bijvoorbeeld schoonmaakkosten.
Groot onderhoud: Onderhoudsactiviteiten die zich eens in de zoveel jaar voordoen, bijvoorbeeld schilderwerkzaamheden.
Kapitaallasten: De som van de afschrijvings- en rentelasten.
Lineaire afschrijvingen: Het afschrijvingsbedrag dat wordt berekend uit de som van de activeringswaarde gedeeld door de looptijd. Hierbij daalt de rente jaarlijks.
Annuïtaire afschrijvingen: Een berekeningsmethodiek waarbij bereikt wordt dat de kapitaallasten jaarlijks gelijk zijn. Per jaar verschillen echter de hoogtes van de renteen afschrijvingscomponent.